Streek van de week: Moeder Peerdevisscher

Elke streek heeft zo zijn bijzonderheden. In Ieper gooien ze katten van de toren, in Geraardsbergen eten ze mattentaarten en Aalst is doordrenkt met marginaliteit. Wij voeren elke editie de meest prominente clichés aan een regionale club en zien hoe zij die verteren.

Een gezellige babbel met Vice-praeses Wouter Vandamme, Feestpraeses Joram Vanden Bulcke, Prosenior Bert Jonckheere en Praeses Tibo Dequeecker

Voor wie is jullie club?

Tibo: "Voor studenten van de Westhoek: De Panne, Oostduinkerke, Koksijde, Nieuwpoort en ook een beetje van Veurne. Het is geen vereiste dat je in Gent studeert." 

Bert: "Het is een weekendclub. Zolang je in het weekend aanwezig bent in regio Koksijde, maakt het niet uit waar je studeert."

Tibo: "Het is ook opgericht omdat iedereen na het middelbaar zijn eigen kant opgaat. Door de club hebben we een reden om elkaar om de twee weken op zaterdagavond te kunnen zien en zo de vriendengroep te onderhouden. Nu zijn we al zo gegroeid dat het allemaal al verschillende groepjes zijn geworden die samen zijn gekomen."

Over de oprichting, vanwaar de naam?

Wouter: "We hebben het opgestart met enkel mensen van Oostduinkerke, vandaar de naam ‘Peerdevisscher’ (in Koksijde gebeurt het vissen op garnalen traditioneel te paard, red.). Het staat zelfs op de UNESCO Werelderfgoedlijst."

Tibo: "Verder wilden we ook een beetje meer nachtleven brengen in Oostduinkerke. In september hebben we onze fuif gehad en er waren iets van een 950 mensen. Op 23 februari volgt ons eerste bal, in het Casino van Koksijde."

Best groots om nog niet lang te bestaan?

Bert: "We groeien snel. Ik denk dat dat komt door waar we gelokaliseerd zijn. Er bestaat geen andere club met onze doelgroep."

Tibo: "Soms is het wel moeilijk om mensen van het binnenland te bereiken, wat wel jammer is voor bevriende clubs."

Hebben jullie veel bevriende clubs?

Bert: "Eigenlijk wel. Het is zowat begonnen met Moeder Naamse uit Waregem."

Joram: "Nu ook wat meer vrouwenclubs, zoals Vader d’Hoeve en Vader Pallieterse."

Bert: "Vooral weekend- en streekclubs. Een keer per jaar doen we een cantus met onze bevriende clubs in de Salamander, dan zijn we met 6 clubs."

Joram: "Vorig jaar waren we met een 45 à 50-tal."

Doen jullie daarnaast veel in gent?

Joram: "Nee, het is eigenlijk niet de bedoeling dat we dingen doen tijdens de week."

Hebben jullie de club heropgericht of bestond er voor jullie geen streekclub voor de Westkust?

Wouter: "Vroeger, in de jaren 70, was er Moeder Rolmops. We kenden dat van onze ouders die het daar over hadden en ook van onze burgemeester."

Joram: "Hij heeft dat, denk ik, mee opgericht en ons ook wel eens gevraagd om de naam terug naar ‘Moeder Rolmops’ te veranderen. We hebben dat niet gedaan, maar hij staat wel achter onze club. We kennen hem ook van het praten met hem over evenementen en dergelijke."

Doen jullie ook effectief aan paardenvissen of verwijst die naam gewoon naar de streek?

Tibo: "Eén keer per jaar proberen we dat wel te doen. Omdat dat onze naam is, proberen we met de paardenvissers wel eens mee te gaan garnaalvissen."

Die gele regenjassen zijn dan ook niet speciaal daarvoor?

Wouter: "Nee, niet omdat we vissen, gewoon omdat het herkenbaar is."

Tibo: "Het is ook makkelijk om uit te gaan: het gaat niet kapot, je wordt niet nat."

Bert: "Water- en bierdicht." (lacht)

Zijn er verder nog zaken die jullie club uniek maken?

Wouter: "Het is wel onze bedoeling om iedereen te ontgroenen op het strand. Ook de doop begint en eindigt op het strand."

Tibo: "We proberen er wel zoveel mogelijk zee en strand bij te betrekken."

Joram: "Ook onze kleuren bijvoorbeeld: geel voor het strand en blauw voor de zee."

Tibo: (wijst boven lint op borstkas) "En dan is hier de dijk, hier het volk" (lacht).

Wat maakt de Westkust uniek?

Tibo: "Het is compleet anders dan de rest. Knokke bijvoorbeeld, dat zijn vooral dikke nekken, maar bij ons is het meer een mengeling."

Joram: "De instelling aan de westkust is compleet anders dan in het binnenland, vind ik. Er zijn groepen die wat alternatiever zijn, andere wat chiquer, maar uiteindelijk komen ze allemaal samen."

Tibo: "Het is bij ons niet zo dat als je uit verschillende klassen komt, je elkaar niet kent. Iedereen is één grote pot nat."

Hebben jullie nog ambities met jullie club?

Joram: "We hopen vooral te blijven bestaan, zeker nu stilaan de oprichters er beginnen uit te gaan. We hopen dat we binnen 20 jaar nog steeds een uitnodiging krijgen voor het bal, dat zou mooi zijn."

Streek: De Westhoek
Leden: 20
Stichtingsjaar: 2015
Clubcafé: De Zoeten Inval in Oostduinkerke

Nog geen stemmen

Reactie toevoegen