OPINIE: Er zijn te veel opinies

Meer meta dan dit wordt het niet: een opiniestuk om de absolute overbodigheid van opiniestukken aan te klagen.

Er zijn te veel opinies. Niet te veel meningen, daarvan kan je er nooit genoeg hebben, maar te veel opiniestukken. Je moet in feite al geweldig arrogant zijn om een opiniestuk te schrijven. Ergens in het proces kom je dan tot het besluit: "Dit is interessant genoeg om met de buitenwereld te delen. Hier kan dat klootjesvolk nog wat uit leren." Dat is meestal niet zo en dit stuk zal alleen maar bijdragen tot die stelling.

Dries

Mijn probleem is niet zozeer de professoren of ervaringsdeskundigen die met hun kennis proberen een nieuw inzicht te bieden over een actueel onderwerp, of journalisten die een bladzijde lang dieper graven, dan in een gewoon artikel mogelijk zou zijn. Neen, het gaat over het doucheputje van de journalistiek, de plek waar gepensioneerde en uitgerangeerde mensen zich wanhopig vastklampen aan hun laatste restje relevantie. Het verderfelijke beroep van de 'opiniemaker'. Dat is op zich al een misleidende term, want ze impliceert dat opinies vervaardigen een ware ambacht is, een stiel die jaren oefening vergt. Niets is minder waar, het kleinste kind kan een mening vormen. Eigenlijk zou 'opiniehebber' een accuratere beroepsbeschrijving zijn: het geeft veel beter de absolute overbodigheid weer.

Om de twee weken is er een nieuwe aanwijzing dat het Avondland aan de rand van de afgrond staat

Mochten die opiniemakers met diepgaande analyses of verfrissende inzichten komen, het zou nog draaglijk zijn. Dat is lang niet altijd het geval. Vaak blijft hun tweewekelijkse bladzijde beperkt tot goedkope platitudes en mediagenieke sneren, of een eeuwige zoektocht naar het eigen grote gelijk. Ook de thema's zijn meestal nogal schraal: er gebeurt immers niet zo heel veel interessants op onze blauwe bol. 

Daar hebben enkele schrandere opiniemakers een remedie voor gevonden: ze trekken iets uit hun gat om uit het luchtledige een controverse zonder aanleiding te creëren. Zo vindt Joren Vermeersch, partij-ideoloog van de N-VA, om de twee weken een nieuwe aanwijzing dat het Avondland aan de rand van de afgrond staat. Een communie die niet kan plaatsvinden? Het christendom kreunt onder de druk van de vrijzinnige goegemeente. Cafés gesloten door corona? De Vlaamse cultuur is op sterven na dood door #nietzijnregering.

Dit soort steekvlamstukjes maken het lastig maken om een genuanceerde en constructieve discussie te voeren

Dat is dan nog lachwekkend. Ernstiger is dat dit soort 'steekvlamstukjes' het lastig maakt om een genuanceerde en constructieve discussie te voeren over een maatschappelijke gebeurtenis. Ieder stuk moet immers een wraakroepend schandaal aan de kaak stellen en een publieke figuur genadeloos neersabelen. Iemand als Joël De Ceulaer beheerst deze variant tot in de puntjes. Hij schrijft wekelijks een brief gericht aan iemand uit de actualiteit. Of aan eender wie, want er gebeurt gewoon niet elke week iets dat interessant genoeg is om er een hele epistel aan te wijden. Tegenwoordig rolt hij vechtend over de straatstenen met zijn concullega Tom Lanoye, waarbij de beide heren elkaar scherpzinnig fileren met welgemikte stoten als "u hebt geen talent" of "u bent klein van gestalte". Stop er gewoon allemaal mee. Laat ons met rust en ga ergens op een akker met echte modder naar elkaar gooien.

cover: 
0
Gemiddeld: 5 (2 stemmen)

Reactie toevoegen