Ode aan de angst

Kinderen zijn bang van monsters, bij mensen op leeftijd breekt het angstzweet uit tijdens het wachten aan de kassa en rechtenstudenten krijgen het doodsbenauwd van de Blandijn. Iedereen heeft angsten. Dat is normaal. 

Angst is een ingenieus uitgedokterd defensiemechanisme dat ons helpt gevaren te herkennen en onszelf te gepasten tijde in veiligheid te brengen. Voor sommige mensen – waaronder mezelf – is angst echter iets dat constant aanwezig is. Men noemt het graag een angststoornis. Het houdt in dat het gedeelte in de hersenen dat verantwoordelijk is voor angst nogal krakkemikkig in elkaar zit. Het zit dan altijd geniepig in een hoekje van het bewustzijn te gniffelen, wachtend om genadeloos toe te slaan als het daar de kans toe krijgt. 

Ik heb ondervonden dat angst uitleggen aan mensen met een goed werkend angstmechanisme een titanenwerk is en daarom heb ik de 'vliegtuigmethodiek' uitgedacht. Het is een methodologisch meesterwerk dat me in staat stelt het nogal fuzzy concept dat angst is, begrijpelijk te maken. Stel je voor: je staat in een lange rij bij de security in de luchthaven. Het is jouw beurt om aan de stugge bewaker je identiteitskaart en vliegticket te tonen. Je zoekt in je tas ... Niets. Je kijkt in je jaszak ... Niets. De spanning stijgt. Je hebt er vast gewoon over gekeken. Je zoekt fanatiek in je tas, maar nog steeds niets. Je kijkt ijzig in je jaszak, niets. Druk op je borst. Vreemde blikken. Waterige ogen. Zenuwachtig voetengetik. Opborrelde paniek. Bloed suist. Snel. Sneller. Kortsluiting. Dat is angst.

Yanne De Frenne

Dat gevoel is altijd sluimerend aanwezig. Soms barst het uit, soms is het er eerder in flarden. Meestal met een reden, af en toe zonder aanleiding. Maar het is er altijd. Het stopt soms, maar het komt ook steeds weer terug. Het wordt alleen maar erger en erger, tot je denkt dat je nu wel echt gek bent geworden en dan gaat dat knagende gevoel zo snel als het opkwam ook weer liggen. Zo kabbelt het leven verder. Golf na golf die zachtjes deint op het ritme van gedachten.

Het wordt alleen maar erger en erger, tot je denkt dat je nu wel echt gek bent geworden

En toch is dit een ode aan de angst. Frappant genoeg begin ik eindelijk te aanvaarden dat ik angstig ben. Ik accepteer de angstgolven, respecteer dat ze zo nu en dan deel van mij zijn; dat ze steeds zullen terugkomen en nooit echt volledig weg gaan. Dat is oké. Een wederzijds vredespact dat rust en duidelijkheid geeft. Angst de zee, ik het zeilbootje. Rustig deinend op een bijna rimpelloos wateroppervlak, dan weer stevig heen en weer gezwierd op wild schuimende dijken. Het is goed op die manier.

Dus daarom een ode aan de angst. Maar ook een ode aan alle bangeriken met hun ministeekgevechten tegen een eeuwig onzichtbare vijand. Je doet dat goed met je onophoudende rebellie. Opspattend water leidt vaak tot golven, maar niet getreurd: ook golven zijn maar tijdelijk.

Nog geen stemmen

Reactie toevoegen