The times they are-a-changing

Door de jaren heen is Schamper ook op logistiek vlak veel veranderd. Van nieuwe voordeuren tot de digitaliseringsgolf achterna hollen: ook een studentenblad van een halve eeuw oud moet mee kunnen met z'n tijd.

Schamper on the move

Ook studentenbladen moeten een dak boven hun hoofd hebben. Schamper is in de loop van zijn geschiedenis meerdere keren van nederig stulpje veranderd. De eerste twee jaren vonden de redactievergaderingen en het schrijfproces plaats in een gemeenschapshuis in Kortemeer. Pas vanaf 1977 sloeg de universiteit Gent haar vleugels voor het studentenblad open. Vanaf dan zou Schamper ruim drie decennia lang in de Brug vertoeven. In het begin was dat zonder een vast lokaal, waardoor de redactie noodgedwongen moest schipperen naar de plek waar er toen toevallig plaats voor hen was, met de nodige frustraties over onvoldoende werkmateriaal tot gevolg. Nadien kreeg de krant een vast redactielokaal, afwisselend op zolder en op het gelijkvloers, om uiteindelijk te eindigen in de vochtige kelder. Wendy Schelfaut en Matthias Jacxsens, die bij de verhuis waren, herinneren het zich als een vochtig schimmelkot met amper daglicht. "Als er daar toen tijdens een redactievergadering brand was uitgebroken, waren we er allemaal aan", blikt Schelfaut achteraf terug. 

"Als er in de kelder van de Brug brand was uitgebroken, waren we er allemaal aan" - Wendy Schelfaut

Een nieuwe verhuis naar het gloednieuwe studentenhuis de Therminal drong zich op. Schamper kreeg een plekje in de kelder en gebruikt het gebouw tot de dag van vandaag als uitvalbasis. De toenmalige redactie vond 'de Therminal' een verschrikkelijke naam. "De naam van de Therminal werd indertijd bedacht door de studentenbeheerder, een gladde marketingboy", zegt Jacxsens. "Maar omdat het oorspronkelijk een thermische centrale was, heeft Schamper het in zijn edities nog een hele tijd lang steevast 'het kolenkot' genoemd, als vorm van verzet. Daar zijn indertijd heel wat boze reacties op gekomen."

De uitbouw van een redactie

Tegenwoordig bestaat Schamper uit een uit de kluiten gewassen redactie. De kernredactie vormt het bestuur en bestaat uit een waslijst aan functies: de hoofdredacteur, coördinator, eindredacteur, twee PR's, een chef IT, vier inhoudelijke chefs, een chef lay-out, en een chef beeld. Onder het toeziend oog van de hoofdredacteur stellen de inhoudelijke chefs een artikellijst op, die dan tijdens een artikelverdeling onder de redacteurs verdeeld wordt. De anderen hebben een meer typische bestuurstaak.

Dat is niet altijd zo geweest. Tijdens de beginjaren was er, op de hoofdredacteur na, van functies geen sprake. Redacteurs kwamen op maandag samen en beslisten volledig autonoom waarover ze zouden schrijven, waarop een onderlinge discussie volgde. 

Pas in 1983 werd beslist dat het blad advertenties zou publiceren, omdat de Sociale Raad vond dat Schamper naar andere financieringsvormen dan subsidies moest gaan zoeken tegen de stijgende drukkosten. Die advertenties werden toen niet gezocht door een chef PR, maar door een jobstudent. Door een ruzie met de jobdienst van de unief kwam daar al snel een einde aan, waarop een redactielid de taak overnam. Van de andere kant van de PR-munt, sociale media, was de eerste drie decennia geen sprake.

Tot begin de jaren 2000 was er enkel sprake van een hoofdredacteur en een coördinator. Pas sinds academiejaar 2009-2010 werden de kernfuncties zoals we die vandaag kennen geformaliseerd, onder de leiding van Bert Dobbelaere en Stijn Debrouwere. Dat had vooral als doel de bestaande expertise binnen de redactie wat meer te consolideren. De chef beeld, de jongste functie, zag enkele jaren later het levenslicht. Het werd eerst een jaar informeel ingevuld door Flo Tomlinson, een redactielid met veel camera- en beeldervaring, voor de functie officieel gestemd werd.

Schamper op het wereldwijde web

In 1995 waagde Schamper zich voor het eerst op het digitale pad met editie 327, die via het toenmalige Gopher-systeem online verscheen. De artikels vormden samen één lange, scrollbare tekst. Op 3 maart 1995 verscheen editie 328 - na een race met het Leuvense Veto - op een heuse website, waarmee Schamper zich kroonde tot het allereerste Belgische magazine dat volledig online raadpleegbaar was.

Aanvankelijk draaide de site op obscure studentenservers

Aanvankelijk draaide de site op obscure studentenservers, met moeilijk onthoudbare webadressen en een slechte gebruiksvriendelijkheid. Maar in 1997 kwam er een frisse wind: de site verhuisde naar een centrale studentserver en kreeg een mensvriendelijkere URL. Ook het redactionele e-mailadres kreeg een upgrade.

De digitalisering zette zich voort met een eigen mailserver, een primeur voor de redactie. Elk lid kreeg zijn eigen mailadres, en al gauw werd die server het kloppende hart van Schamper. Daar vlogen niet alleen ideeën over artikels en deadlines heen en weer, maar ook mailkettingen over films, flauwekul en de onmisbare randzaken van het studentenleven.

Lang zal hij leven

Tussen 1985 en 2005 vierde Schamper meerdere jubilea. Voor nummer 200, in januari 1985, gooide de redactie een fuif in de Vooruit en verscheen er een feesteditie gevuld met citaten, illustraties en een interview met alle voormalige hoofdredacteurs. Eind 1987 slaagde nummer 250 erin de aandacht te grijpen met een cover waarop een naakte mannentorso prijkte. Nummer 300 uit 1992 verdween op mysterieuze wijze uit verschillende verdeelbakjes - vermoedelijk het werk van de Nationalistische Studentenvereniging (NSV), waarmee de redactie toen op gespannen voet leefde. In januari 1995 pakte Schamper zijn twintigste verjaardag aan met een tentoonstelling in Kunstzicht, waar bezoekers niet alleen oude nummers maar ook versleten typmachines en vergeten boterhammen konden bewonderen. Vijf jaar later, in februari 2000, werd de vijfentwintigste verjaardag gevierd met themanummers en filmvertoningen, maar door een gebrek aan promotie bleef de opkomst helaas aan de magere kant.

Nog geen stemmen

Reactie toevoegen