Open Boek met Guy T'Sjoen: "Er wordt te weinig onderscheid gemaakt tussen geslacht en gender"

In deze rubriek stellen we open vragen aan professoren, waarop ze frank en vrij mogen antwoorden. We spraken met Guy T’Sjoen, endocrinoloog aan het UZ Gent en professor aan de UGent. Het werd een gesprek over gender, draagmoederschap en 'de Verraders'.

U bent lid van het Genderteam binnen het UZ Gent en diensthoofd van het Centrum voor Seksuologie en Gender. Wat houdt dat in en wat doen jullie daar precies?

"Ik heb eigenlijk twee jobs. Ik ben prof aan de UGent, daar geef ik lessen endocrinologie in de opleiding geneeskunde en doe ik onderzoek. Daarnaast ben ik diensthoofd van de dienst endocrinologie. Endocrinologie is een heel breed vakgebied, gebaseerd op hormonale aandoeningen. Daarin is mijn niche de mannelijke en de vrouwelijke hormonen, vandaar dan de betrokkenheid bij de zorg voor transgender personen. Ik ben ook diensthoofd van het Centrum voor Seksuologie en Gender waar transgender personen of mensen met vragen rond hun genderidentiteit terecht kunnen. Zij komen dan eerst bij onze psychologen om te kijken wat er aan de hand is, wat er kan gebeuren en wat de plannen en de verwachtingen zijn. Als er medische stappen gezet zullen worden, komen ze vervolgens bij een endocrinoloog terecht."

Waar kunnen mensen terecht als ze worstelen met hun genderidentiteit?

"Tot recent was er maar één genderteam in Vlaanderen, dus kwam bijna iedereen naar Gent. Er waren hier en daar wel kleinere praktijken, maar die waren niet zo georganiseerd en multidisciplinair als die in het UZ Gent. De frequentie van aanmelden is enorm toegenomen. Vroeger, toen ik hier begon, zagen we 20 tot 25 Belgen per jaar en nu zien we tussen de 300 en 400 nieuwe mensen per jaar. Ondanks het feit dat we zoveel meer mensen zien en dat het aantal psychologen hier enorm is toegenomen, zien we dat de wachtlijst alleen maar langer wordt. Nu staan er ongeveer 2000 mensen op, wat betekent dat er een wachttijd is van ongeveer twee jaar. We hebben geprobeerd om dat ergens op te vangen door collega's elders te motiveren om die zorg ook aan te bieden en we zien dat dat de laatste jaren ook gebeurd is. Mensen melden zich hier nog altijd massaal aan, maar er zijn andere mogelijkheden. Die staan opgelijst op de website van Transgenderinfo.be, een onafhankelijke website met informatie over genderdiversiteit."

Samen met Ann Buysse richtte u in 2012 de opleiding seksuologie op aan de UGent. Hoe is dat idee precies ontstaan?

"Dat idee is voortgekomen uit het feit dat de verschillende thema's en aspecten van seksuologie nog niet gebundeld waren in een specifieke opleiding, ondanks het feit dat ze wel al aanwezig waren binnen de universiteit. Ann en ik vonden het opmerkelijk dat een open en vooruitstrevende instelling als de UGent nog geen afzonderlijke studierichting seksuologie had. Daarom namen wij het initiatief. Dat begon kleinschalig, maar inmiddels leiden we elke twee jaar ongeveer zestien seksuologen op."

"Ann en ik vonden het opmerkelijk dat een open en vooruitstrevende instelling als de UGent nog geen afzonderlijke studierichting seksuologie had"

Wat zijn volgens u de grootste uitdagingen waar de LGBTQ+-gemeenschap vandaag mee te maken krijgt in België?

"De grootste uitdaging is om het onderwerp bespreekbaar te maken, en dat begint volgens mij bij het onderwijs. Daar wordt onder andere te weinig het onderscheid gemaakt tussen geslacht en genderidentiteit. In Franstalig België is het bijvoorbeeld al controversieel om eenvoudigweg te benoemen dat er transgender personen zijn, kijk maar naar de recente protesten over Evras. Ik merk wel dat de jongere generatie er veel toleranter mee omgaat. Ook de juridische context is veranderd. Vroeger waren de criteria om een hormonale behandeling op te starten voor transgender personen veel strenger. Ze moesten bijvoorbeeld hun vruchtbaarheid helemaal opgeven, maar nu worden er vaak spermastalen en eicellen ingevroren. Er zijn dus al stappen gezet in de goede richting, maar het gesprek is nog lang niet afgerond."

U en uw echtgenoot hebben eerder dit jaar jullie zoontje verwelkomd via draagmoederschap. Hoe hebben jullie dat proces ervaren en waren er barrières?

"Als homokoppel met een kinderwens wordt het in België eigenlijk onmogelijk gemaakt om die te vervullen. In België is adoptie heel lastig en is er een wachttijd van 10 jaar, waardoor we op zoek gingen naar andere opties. Ondanks het feit dat draagmoederschap in België niet verboden is, is het onvoldoende geregeld, waardoor je in een grijze zone belandt. Zo wordt de draagmoeder juridisch gezien als de moeder en kan zij beslissen over het kind, zelfs als een van ons de genetische vader is en de eiceldonor een andere vrouw is. Door die onzekerheid hebben wij de stap naar Californië gezet, waar alles juridisch wel op punt staat. Zo is de selectie van en de zorg voor de draagmoeder ook prioritair en staan wij als de ouders op de geboorteakte van onze zoon. Maar het concept van een vader en een meevader bestaat niet in België, waardoor we moesten onderhandelen met de dienst bevolking om de geboorteakte over te nemen. Ik zie dat als discriminatie op basis van geslacht, aangezien het idee van een moeder en meemoeder wel bestaat. Veel mensen die in dezelfde situatie zitten, hebben mij laten weten dat ons verhaal hoop geeft. Maar de piste is niet voor iedereen toegankelijk en de wetgeving hierrond moet veranderen."

"Als homokoppel met een kinderwens wordt het in België eigenlijk onmogelijk gemaakt om die te vervullen"

U hebt deelgenomen aan het programma 'De Verraders' op VTM, hoe was die ervaring?

"'De Verraders' was een onvergetelijke ervaring. Als ze mij vragen om nog een keer deel te nemen, zou ik zonder twijfel weer 'ja' zeggen! De finale was voor mij een hoogtepunt van spanning en dat gevoel beleef ik telkens opnieuw wanneer ik de laatste aflevering herbekijk. Hoewel mijn huidige baan altijd prioriteit zal blijven, geniet ik ervan om af en toe deel te nemen aan leuke mediaprojecten."

0
Gemiddeld: 5 (1 stem)

Reactie toevoegen