Proffen op zondag: Hendrik Vos

Elke editie nemen we een prof met een ‘bijzondere’ hobby onder de loep. Het is professor Hendrik Vos die de spits mag afbijten. De man houdt zich doorgaans bezig met Europese politieke kwesties, maar is daarnaast ook nog eens een bijzonder verdienstelijke wielrenner.

Hendrik Vos

Hoe bent u eigenlijk in het wielrennen gerold?

"Ik heb als kind altijd wel gefietst en had hier in Gent uiteraard een fiets toen ik op kot zat, maar ik heb pas echt de klik gemaakt om serieuze ritten met de koersfiets te maken na een gesprek met Rob Heirbaut, de Europajournalist van de VRT. Die vertelde me na een debat dat hij de Marmotte zou rijden: een zeer zware bergrit uit de Ronde van Frankrijk, 180 km over 5000 hoogtemeters, met aankomst op Alpe D'Huez. Ik zei toen dat ik dat ook van plan was, maar wist amper wat het was. ‘s Avonds zocht ik het op het internet op en schrok ik wel. Ik ben dan snel een koersplunje gaan kopen, handschoentjes, en alles erop en eraan. Die eerste keer viel - haast zonder training - zo goed mee dat ik dacht: ze zullen mij hier nog terugzien. Ik wou weleens weten hoe ver ik zou geraken wanneer ik zou beginnen trainen."

Hoe ziet uw week eruit?

"Tot vier jaar geleden deed ik aan competitie, en was ik echt fanatiek. Vanaf december trainde ik elke dag. In het najaar deed ik het dan iets rustiger aan, maar deed ik wel meer krachttraining op de rollen en in de fitness. Ik moest heel efficiënt te werk gaan wanneer ik bijvoorbeeld lezingen moest geven. Alles binnen een straal van 100 km rond Gent deed ik met de fiets, heen en terug. Zo geraakte ik ook aan mijn kilometers. Maar ik moest dat natuurlijk combineren met mijn job hier aan de universiteit."

"Alles binnen een straal van 100 km rond Gent deed ik met de fiets"

"Er kwam een moment waarop ik merkte dat ik een limiet bereikt had. Ik begon te besparen op slaap om alles in die 24 uren geperst te krijgen. Na mijn lezingen reed ik om elf uur 's avonds nog twee uren op de rollen, of stond ik een kot in de nacht op om 's morgens met mijn fiets in Brussel te geraken. Ik had heel lange dagen, en ik denk dat een burn-out niet meer veraf was. Ik heb de klik gemaakt bij de wedstrijd 'La Cannibale' die ik al tweemaal had gewonnen. De derde keer moest ik op het einde enkele renners voorlaten, en op de slotklim naar de Mont Ventoux realiseerde ik me dat ik op mijn veertigste niet beter zou worden. Of ik zou nog meer moeten trainen, en dat viel niet meer te combineren. Ik fiets nu nog altijd veel, maar ik rijd alleen voor het plezier, zonder het competitieve."

Hoe gaat u het liefst fietsen?

"Ik fiets graag alleen. Ik ben zeker niet asociaal, maar soms wil ik gewoon trainingen afwerken. In mijn job zit ik al de hele tijd met mensen te praten, dingen uit te leggen ... Op de fiets zitten, dat is me-time. Dan vind ik het niet nodig om te netwerken. Dan ben ik gewoon bezig met het landschap, trappen, zweten en afzien. Het is mijn hoofd leegmaken, maar evengoed weer laten vollopen. De creatiefste ideeën, voor bijvoorbeeld een column, krijg ik zo. Ik heb altijd mijn smartphone bij me, maar soms gebruik ik heel ambachtelijk pen en papier om te noteren."

"Op de fiets zitten, dat is me-time"

Wat trekt u het meest aan in wielrennen?

"Zeker toen ik aan competitie deed ging het er echt wel om om de limieten van mijn lijf te leren kennen. Het pure, fysieke afzien. Dat geeft wel een kick, merken dat je je grenzen kan verleggen."

Nog geen stemmen

Reactie toevoegen