Alain de Botton pent met zijn werk 'The Pleasures and Sorrows of Work' een pareltje van existentiële vaagheid en diepgaand begrip voor zijn medemens.
Toen ik het boek oppakte in een Waterstones in Londen, zocht ik een brokje lectuur om mijn Eurostarrit te vullen. Na een treinreis door de velden en bossen van ruraal Engeland was de stress van de examens lang vergeten, en groeide een 'waarom-vraag'. Waarom sloven we ons zo uit als het leven kan bestaan uit verpozen, wakker worden met zeezicht en scones eten alsof het brood is? Het boek van de Botton zou wel een antwoord bieden; ik verwachtte een uiteenzetting, gestaafd aan een studie hier en daar.
Het bleek dat het boek een verzameling van intieme verhalen was over de professionele levens van diverse mensen. De Botton geeft geen antwoord op de vraag die ik stelde, hij gaf mij er veel meer. Hij volgt per hoofdstuk een persoon of sector over een lange tijd en beschrijft ze meer dan een analyse uit te voeren. Toch was ieder hoofdstuk zo beeldend, dat het meer betekenis aannam dan er op het eerste gezicht op de pagina stond.
Toch was ieder hoofdstuk zo beeldend, dat het meer betekenis aannam dan erop het eerste gezicht op de pagina stond
Een van de tien hoofdstukken gaat over een koekjesfabriek, wat me initieel saai en technisch leek. De expertise van de mensen die de Botton er ontmoet en beschrijft is hyperspecifiek, en er springt een bepaalde pijn van de pagina. Een koekje uit die fabriek is door honderden handen gegaan, maar draagt minder liefde dan een koekje gemaakt door één enkele oma. De vorm en het lettertype op de verpakking zijn het onderwerp van meerdere vergaderingen, omdat het blijkbaar een enorm verschil maakt voor de verkoop. Allemaal om een artificieel gevoel van huiselijkheid en gezelligheid te creëren. De Botton vertaalt die technische details naar een haarscherpe beschrijving van onze maatschappij.
Expliciet commentaar wordt er eigenlijk niet geuit, maar het beschrijven van de loopbanen van enkele figuren roept vanzelf enkele vragen op. Mijn 'waarom-vraag' aan het begin van mijn Eurostarrit vermenigvuldigde zich ettelijke keren. Waarom focussen we op snelheid en efficiëntie, niet op welzijn en kwaliteit? Waarom kan je altijd tropisch fruit en verse vis in de supermarkt kopen? Waarom sta ik zo ver van de processen die het eten op mijn bord brengen? Aan het einde van het boek had ik meer vragen dan antwoorden, maar ik had wel een fijne treinrit.






Reactie toevoegen