Een herevaluatie van de marginale driehoek

Onze satiresectie neemt het wetenschappelijk discours erg serieus. Daarom trakteren wij de lezer deze editie op een wetenschappelijke paper in plaats van een satirisch artikel.

Geografie is de studie van het aardoppervlak. Binnen de geografie kan men een onderscheid maken tussen verschillende domeinen. Eén van de bekendste vormen van geografie is de sociale geografie. Hierin brengt men bepaalde sociale constructies, zoals landen, in kaart.

Die sociale geografie is vaak nog niet zo makkelijk. Zo zijn landsgrenzen bijvoorbeeld vaak niet zo duidelijk als ze mogen lijken. Dit soort problemen zou zwakkere geesten tot wanhoop kunnen drijven, maar de geograaf is een doorzetter.

Een bevolkingsgroep die de geografen recent in kaart hebben proberen brengen zijn de Marginalen (of Marginoalen, zoals ze zichzelf ook wel noemen). De Marginaal heeft een rijke habitat. Je kunt ze vinden van de poorten in Gent tot de bossen van de Ardennen. Toch gaan onderzoekers er al geruime tijd vanuit dat de Marginaal een broedplaats moet hebben. Deze hypothese werd geopperd nadat er parallellen werden getrokken tussen het paringsgedrag van de Marginaal en de kikker. Beiden verlaten vrij vroeg het huis om later terug te keren naar hun thuisgrond voor voortplanting.

Aan de hand van de reeds in kaart gebrachte migratiewegen van de Marginaal werd geconcludeerd dat het epicentrum van de Marginaal zich bevindt in het uiterste oosten van Oost-Vlaanderen. Deze locatie bleek de ideale biotoop voor de Marginaal om verscheidene redenen. Aan de hand van deze migratiewegen werd ook bepaald dat de biotoop driehoekvormig moet zijn. Dit leidde tot veel intern debat en de opstelling van hypothetische driehoeken 1 (Afbeelding 1.1) en 2 (Afbeelding 1.2).

Driehoek 1 werd opgesteld op basis van het 'fuifgedrag' van de Marginaal. Deze onderzoekers wijzen op de sterke sociale cohesie tussen de Marginalen en de rol die het 'zuip-, fuif- en muil-'fenomeen hierin speelt. Zij kwamen logischerwijs uit op een driehoek tussen Aalst (Aalst Carnaval), Hamme (Nacht van de Hamse Jeugd) en Lokeren (Lokerse Feesten). De onderzoekers die driehoek 2 hebben opgesteld, pleiten eerder voor een politieke aanpak. De meeste Marginalen vertonen namelijk om onduidelijke redenen een affiniteit voor politici die hun medemens vergelijken met gerechten zoals chocomousse en loempia. Om duidelijke redenen werden er door hen lijnen getrokken tussen Aalst, Ninove en Geraardsbergen, deze laatste vooral zodat de gehele Denderstreek deel zou zijn van de driehoek.

Door het gebrek aan consensus binnen het gebied zou ik ervoor willen pleiten een derde driehoek in te voeren (Afbeelding 1.3). Deze driehoek bevindt zich tussen Hamme, Lokeren en Ninove en is zo een synthese van de bevindingen van driehoeken 1 en 2. Verder heeft deze driehoek het voordeel dat hij meer rekening houdt met de stijgende concentratie aan marginaliteit. Waar Aalst in de vorige modellen bijvoorbeeld steeds gesitueerd werd aan de rand van de driehoek, werd er in deze driehoek voor geopteerd deze stad naar het midden ervan te verplaatsen. Dit aangezien Aalst echt wel fokking marginoal is.

Nog geen stemmen

Reactie toevoegen