Kwa Kwa: "Het is gemakkelijker om mijn hart te luchten in het Nederlands, mijn moedertaal"

"Welkom bij de première. Hou van derrières!", luidt de speelse openingszin van 'Infantiel', een lied van de Antwerpse band Kwa Kwa. Kwa Kwa is een vijfkoppig eclectisch live spektakel dat je onmiddellijk op de dansvloer sleurt. Ze brengen funk, oldskool, hiphop, rock en soms punk.

Stel jullie zelf eventjes voor: wie zijn jullie?

S: "Ik ben Senne Paulussen. Ik ben afkomstig uit Zoersel. Ik heb hier in Gent aan het KASK drama gestudeerd. Momenteel volg ik de educatieve master aan het Conservatorium in Antwerpen. Ian hier is een van mijn beste vrienden. We hebben samen gestudeerd en onze ouders zijn vrienden en collega's." 

I: "Ja, dat klopt. Ik was bij zijn geboorte. Ik was toen een jaar oud, dus ik weet daar niets meer van, maar ik was er. Ik ben Ian Biermans. Ik ben geboren en getogen in de stad Antwerpen. Ik ben al heel mijn leven bezig met muziek en ik ging van jongs af aan naar de muziekschool, waar ik eerst piano heb leren spelen en later gitaar. Van opleiding ben ik industrieel ingenieur en ik werk nu ook in robotica." 

Dat is wel een heel ander vakgebied dan muziek?

I: "Ja, ik heb lang getwijfeld om muziek te gaan studeren. Ik wist echter dat muziek maken me niet meer gelukkig ging maken eens mijn financiële situatie ervan afhing. Ik houd van de afwisseling: op mijn werk met robotica bezig zijn en dan thuiskomen en een instrument vastpakken."

Wat is jullie rol binnen Kwa Kwa?

S: "Ian doet de keys en de gitaar. Ik ben een van de twee schrijvers en een van de twee frontmannen, samen met Camillo, beter gekend als Chili Mili, dat is zijn hiphopnaam. Mijn artiestennaam is Mcni."

Hoe verschilt Kwa Kwa van andere bands?

I: "Iets wat we vroeger meer als argument aanhaalden was dat we ambassadeur zijn van Nederlandstalige muziek. Dat is naar mijn mening een minderheid binnen de muziek. Veel artiesten hebben het gevoel dat ze in het Engels moeten zingen om mainstream te worden, omdat het dan makkelijker wordt opgepikt. Wij vinden juist dat het Nederlands veel harder binnenkomt. Je begrijpt ook vaak veel beter woordspelingen. Het Nederlands is deel van de poëzie voor ons." 

S: "Als ik in het Engels probeer te schrijven, heb ik snel het gevoel dat ik in een bepaald stereotype val en zaken opschrijf die ik al vaker gehoord heb. Zaken die ik soms zelf als cringe beschouw. Het is gemakkelijker om mijn hart te luchten in het Nederlands, mijn moedertaal. Doe maar eens een Antwerps dialect in het Engels. Dat gaat niet zomaar. Het is wel deel van wie we zijn."

Vanwaar komt de naam van jullie band, Kwa Kwa?

"Dat komt niet van het geluid van een eend! Dat heeft er absoluut niks mee te maken. Mensen vragen zich dat soms af. Dat is gewoon Camilo (frontman) die zei : "Ik wil echt een band oprichten die Kwa Kwa heet." En wij waren allemaal van... 'Yeah!' We vonden zelf niets beter op dat moment. Het is catchy."

"Het is gemakkelijker om mijn hart te  luchten in het Nederlands, mijn moedertaal." - Senne 

Hoe ziet de verhouding tussen schrijven en zingen eruit bij jullie?


S: "Camillo spitst zich meer toe op de refreinen, ik meer op de rap. Ik denk dat we steeds meer richting tekst evolueren. Daarnaast gaan we ook een vinyl uitbrengen en in juli een nieuwe single, 'El mundo'."

 Welke artiesten vormen een bron van inspiratie voor jullie?

I: "Dat is heel uiteenlopend. Ieder van ons heeft wel zijn eigen inspiratie, bijvoorbeeld Stevie Wonder en Michael Jackson. Maar evengoed de jonge versie van De Jeugd van Tegenwoordig. Daarnaast ook Beastie Boys en Red Hot Chili Peppers. Ik vind dat je dat wel hoort. Als je 'Laat Uw Tanden Zien' en 'Wat Komt Gij Praten?' opzet, daar zit wel Beastie Boys in.

"Als ik denk aan Nederlandstalige muziek, sowieso Zwangere Guy en dan ook nog Antwerpse rappers, zoals Ronnie Wanna, maar ook Freddy Konings. Nieuwer, Bird en Seba. Check het uit. Allemaal heel cool. Daft Punk. Vooral de geluidjes. Op mijn keyboard doe ik heel veel van die rare geluidjes, van die extreme synths. Dat trek ik allemaal uit Daft Punk om te horen."

Hebben jullie nog dingen die jullie in de toekomst willen bereiken? Hebben jullie nog dromen?

I: "Gentse Feesten is er sowieso eentje van. Dat lijkt ons nog best haalbaar. We moeten gewoon de juiste mensen vinden en dan spelen we de pannen van het dak, maar ik wil ook heel graag eens in een tent staan op een groot festival. Ik denk dat wij een zotte tentshow zouden hebben."

"In de Charlatan ging het publiek zo hard dat je geen gezang meer hoorde, alleen geroep." - Ian

S: "Op een goed uur, vooral. We hebben al rond vijf uur gespeeld, wanneer iedereen nog maar net aankomt en ook al op een groot veld voor een publiek dat ver van het podium staat en niet echt actief is. Dan is er gewoon geen contact. Zeker als je vooraan staat en er geen energie terugkomt, wordt het moeilijk om te blijven geven. Het publiek moet dichtbij kunnen komen om die energie te voelen."

Ja, want het publiek is toch ook belangrijk voor jullie?

S: "Ja, een concert zoals in de Charlatan was echt niet normaal. We hebben die beelden achteraf bekeken en het was gewoon zot, hetzelfde in Kavka in Antwerpen. Dat zijn van die shows, zoals in de Giraf, waar je achteraf ziet dat de vloer letterlijk op en neer gaat."

I: "In de Charlatan ging het publiek zo hard dat je geen gezang meer hoorde, alleen geroep."

Heb je het liefst een klein of groot publiek?

S: "Liever groot, zolang het groot en compact is."

I: "Ja, liefst een compact publiek, want een grote zaal met weinig volk werkt gewoon niet."

S: "De energie moet kunnen opbouwen tot het dak eraf gaat."

I: "Het publiek moet koken en zweten."

Nog geen stemmen

Reactie toevoegen