Bijna tweehonderd afleveringen ver en Pieter Huyberechts (P), Marc Klifman (M) en Cedric Lagast (C) maken nog steeds een van de meest beluisterde true-crimepodcasts van Vlaanderen, waarin ze de meest geruchtmakende en recente rechtszaken uitpluizen.
Waar halen jullie eigenlijk vooral jullie inspiratie vandaan om telkens opnieuw een nieuwe aflevering te maken?
M: "Onze inspiratie putten we grotendeels uit een zorgvuldig opgestelde agenda van komende rechtszaken. We focussen daarbij vooral op assisenzaken, waarbij we selecteren op maatschappelijke relevantie en de kracht van het verhaal. Maar we zijn ook creatief: een interessant correctioneel proces of een actuele gebeurtenis die om meer diepgang vraagt, kan evengoed een aflevering worden. Als krantenmakers zitten we bovenop de actualiteit. Via nauw overleg bepalen we welke dossiers het best werken. Het grote voordeel is dat we zaken vaak al jarenlang volgen, van het prille incident tot de uiteindelijke uitspraak. Die opgebouwde dossierkennis en voorgeschiedenis vormen de fundering voor elke nieuwe aflevering."
Waar komt jullie persoonlijke fascinatie vandaan om die tak van de journalistiek in te gaan? Is dat iets waar je in gerold bent?
P: "Mijn carrière in de misdaadverslaggeving begon tijdens een nachtelijke gijzeling in de gevangenis van Leuven Centraal. Als jonge journalist vond ik dat proces fascinerend, waarna ik doorstroomde naar de nationale redactie tijdens de zaak-Ronald Janssen. Sindsdien is de passie nooit meer weggegaan. Ik denk dat we de fascinatie voor true-crimeseries ook delen. Vooral alle menselijke gevoelens die daarbij gepaard gaan, dat fascineert ons."
"Doodslag is een uiterst delicaat thema, maar we waken erover dat we nooit invasief worden"
M: "Mijn passie ontstond bij een lokaal persbureau, waar ik voor de VRT en HLN de rechtbanken van Brugge, Gent en Veurne bezocht. Hoewel ik geen juridische opleiding heb, raakte ik gefascineerd door de verhalen en het mechanisme achter het rechtssysteem. Dat boeit me vandaag nog steeds, zoals bij het recente proces rond de gynaecologiestudent. Er heerst vaak veel onbegrip en frustratie in de maatschappij; het is onze taak om zo'n arrest dan genuanceerd uit te leggen."
Op welke manier kies je welke informatie je wel gebruikt? Wat is te expliciet en met welk doelpubliek houden jullie rekening?
P: "De stelregel is dat we niet letterlijk citeren uit gerechtsakten. We gebruiken de informatie en de chronologie als basis, maar vertalen die naar een menselijk verhaal zonder expliciete details van de crimescene voor te lezen. Dat is er bij ons ingeslepen: je moet altijd in de spiegel kunnen blijven kijken en bewaken dat je de grens niet overschrijdt."
Reageren er ook soms slachtoffers op de podcast?
M: "Absoluut. Zo volgde ik de zaak rond de bodybuildermoord, waarbij een twintiger vier mensen doodde. Al enkele dagen na de feiten zat ik bij de moeder van een van de slachtoffers in de woonkamer. Die nauwe band bleef gedurende het hele onderzoek bestaan. Uiteindelijk leidde dat tot een interview met haar, wat een enorme meerwaarde bood voor de podcast."
Is er geen risico dat je true-crimepodcasts makkelijk kan sensationaliseren?
P: "Doodslag is een uiterst delicaat thema, maar we waken erover dat we nooit invasief worden. Alles valt of staat met de juiste toon. Ik kan bijvoorbeeld een tekst schrijven over de gynaecologiestudent die puur op shockeffect mikt, maar dat doen we niet. Onze taak is om feitelijk en secuur te vertellen wat er is gebeurd, zonder de schuld bij het slachtoffer te leggen."
Hoe slagen jullie er dan in om zo neutraal mogelijk te schrijven, zeker als je sympathie krijgt voor de slachtoffers?
M: "Het is uiteraard te zien wat de insteek is van de podcast. Als je een podcast maakt over een proces is dat iets helemaal anders dan als je het verhaal van een slachtoffer vertelt."
"Als je als journalist uit de bocht gaat, dan word je afgestraft, en dat is ook terecht"
P: "Het nadeel van op een subjectieve manier te werk te gaan, is dat er altijd commentaar volgt. Stel dat we morgen een ander soort podcast maken, dan zul je merken hoeveel reacties er komen. Als je als journalist uit de bocht gaat, dan word je afgestraft, en dat is ook terecht."
Hebben jullie al veel slechte reacties gekregen op afleveringen?
P: "De reacties die we krijgen zijn meestal puur taalkundig, bijvoorbeeld over stopwoordjes, een West-Vlaams accent of een verkeerde uitspraak van een naam. We hebben nog nooit meegemaakt dat iemand juridische stappen ondernam of dat een nabestaande vroeg om inhoud uit de podcast te verwijderen."
Welke zaak heeft jullie het meest achtervolgd?
P: "Hoewel het misschien cliché klinkt, is dat voor mij 100% de zaak-Sanda Dia. Ik schreef er meer dan vijftig artikelen en een boek over; die zaak heeft me letterlijk jarenlang wakker gehouden. Het is zonder twijfel de zaak van mijn carrière."
M: "Zaken rond gedode kinderen laten een diepe indruk na, maar soms word je onverwacht gegrepen door een verhaal. Zo belandde ik vorig jaar in een proces tegen een man die zijn ex-partner, Ingrid, met een jachtwapen had neergeschoten. Ze overleefde het wonderbaarlijk. De kracht van deze vrouw en haar gezin in de rechtszaal raakte me zo diep dat ik Pieter meteen belde: dit verhaal moesten we vertellen. Dat resulteerde in de podcastreeks 'Sterker dan de stalker'. We wilden hiermee stalking en femicide nadrukkelijker op de kaart zetten. Het bleef echter niet bij de podcast; het was uiteindelijk zelfs de aanleiding voor een volledig boek over deze problematiek."
Binnenkort zitten jullie aan de 200e aflevering. Komt er iets speciaals? Mogen we iets verwachten?
P: "Moeten we iets verwachten? Taart? Geen idee. Bij de 150e aflevering vierden we dat met taart en champagne, maar eigenlijk moeten we iets speciaals doen voor de luisteraar. We zouden moeten uitpakken met een sterke reeks, zoals onze recente serie over de Iraanse spion waar we erg trots op zijn. Het is inderdaad tijd om met iets nieuws te komen; we moeten er dringend werk van maken."






Reactie toevoegen