Wat is mijn opleiding filosofie nog waard?

Aanwerving Cofnas ridiculiseert vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen

Het debat rond de mogelijke aanwerving van beruchte "rassenrealist" Nathan Cofnas laat een grimmige, ongeruste sfeer achter in de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen van de UGent. Een discussie waarin de student aan de kant wordt geschoven en even serieus wordt genomen als een schreeuwend kind in de supermarkt.

Korte schetsing van de situatie

Nathan Cofnas is een Amerikaanse wetenschapsfilosoof en specialiseert zich in ethiek en biologie. Hij zou aangeworven zijn onder professor Bouke de Vries om mee te werken als postdoctoraal onderzoeker aan zijn onderzoeksproject "Het geboorteprobleem van het liberalisme". De Vries lag vorig academiejaar al onder vuur in verband met dit lugubere project en werd beschuldigd van het hanteren van pseudowetenschappelijke bronnen als fundering voor wetenschappelijk onderzoek. Het is juist dit probleem dat de essentie van de discussie is. Cofnas onderzoekt de relatie tussen etniciteit, namelijk zogenaamde "rassentheorie", huidskleur en aangeboren intelligentie, maar de bronnen erachter wekken wel wat argwaan op; is dit wel wetenschappelijk onderbouwd? Is dit niet overduidelijk racisme?

Iedereen schreeuwt maar naar niemand wordt geluisterd

54 studenten filosofie aan Cambridge University, zijn vorige werkgever, hebben een klacht tegen hem ingediend wegens racisme en discriminatie nadat één van zijn controversiële blogposten de ronde deed. In deze blog kwam de impliciete bewering dat Afro-Amerikaanse studenten aan Harvard University van nature minder capabel zijn dan witte studenten. Zo zou zogezegd maar 1 procent het niveau van de witte studenten aankunnen. Deze post veroorzaakte heel wat verontwaardiging en opstand aan de faculteit filosofie in Cambridge.

Twee weken geleden deed een draft om te mailen naar rector Petra De Sutter de ronde in de vakgroep wijsbegeerte en moraalwetenschappen. De open brief werd, naast talloze leden van de vakgroep en andere ondertekenaars, ook door 78 studenten wijsbegeerte en moraalwetenschappen ondertekend. Elk jaar start een maximum van 100 studenten aan de opleiding. Bovendien heeft het document niet iedereen weten te bereiken en zijn er hoogstwaarschijnlijk meer medestudenten akkoord met de boodschap van de brief. Opnieuw slaakt de student filosofie een noodkreet om hulp. Verschillende faculteiten zetten barrières op tegen de aanwerving. De boodschap kan niet duidelijker zijn: "Wij willen Cofnas weg." 

Ook onze professoren en lesgevers kwamen deze week meermaals in het nieuws om zich uit te spreken, zoals dr. Pieter Beck in De Morgen en prof. Sigrid Sterckx in De Standaard. Zelfs na de stijgende druk in de media blijft het antwoord van het rectoraat van de UGent steevast: "Het is een vorm van academische vrijheid en de procedures zijn gevolgd, punt uit."

Als studenten filosofie keken we de voorbije week met lede ogen toe hoe alle tegenspraak het rectoraat koud liet. Iedereen deed een poging om zich te verenigen en om weerstand te bieden, en toch heeft de universiteit hier geen greintje begrip voor. Wij wisten niet dat pseudowetenschap blijkbaar een plaats had in wetenschappelijk onderzoek. Integendeel, we waren steeds van de veronderstelling dat we voor dubieuze bronvermelding en oppervlakkig onderzoek op papers konden buizen of geschorst konden worden.

En toch lijkt het door de beugel te kunnen, zogenoemd op basis van academische vrijheid. We wisten niet dat onderzoek naar eigen hand vormen zomaar te aanvaarden was. Wij zijn als studenten blijkbaar vrij om mee te gaan in de wetenschap haar grootste nachtmerrie: desinformatie verspreiden en er de noemer "wetenschappelijk" op plakken, ongeacht wat academici of studenten te zeggen hebben. Als wij graag klimaatverandering ontkennen dan zou dit volgens het rectoraat de normaalste zaak ter wereld zijn. Of het nu pseudo- of serieuze wetenschap is, is voor het rectoraat gelijk.

Een open brief aan de rector, een petitie, media-aandacht, infomomenten en lezingen droegen tot nu toe allemaal hun steentje bij aan deze Herculesarbeid. En dat deze vragen en tegenargumenten nu zo worden weggewuifd door de universiteit, geeft een mens weinig vertrouwen in de toekomst van de UGent. Wat is onze opleiding dan eigenlijk nog waard? Het is een vraag die studenten filosofie veelal als mopje te horen krijgen, maar voor de eerste keer beginnen we er ernstig aan te twijfelen.

Met een open blik naar de wereld kijken en kritisch blijven. Hier zou onze vakgroep voor moeten staan. In de schone waarden maar vooral mooie praatjes van de UGent zelf: durf denken. Wat is de betekenis van deze slogan als racistische pseudowetenschappers met open armen worden verwelkomd? Pseudowetenschap is niet "durven denken" en racisme haast alles behalve een open blik naar de wereld. Aan ons vragen om weg te kijken en gewoon de procedures te volgen, gaat in tegen  alles waar onze opleiding symbool voor staat. We kunnen hier als studenten niet zomaar van wegkijken. 

Geachte rectoraat, laat onze hulpkreet geen stille dood sterven. Luister en handel ernaar.

Met vriendelijke groeten, 

Bezorgde studenten wijsbegeerte en moraalwetenschappen

Geschreven door Raven Snoeck, Fons Van Acker en Sarah Van Crombruggen

0
Gemiddeld: 5 (3 stemmen)

Reacties

Bericht: 
Wat is mijn opleiding filosofie nog waard? Evenveel als hiervoor, niet veel.

Bericht: 
Jullie hebben mijn steun. Academische vrijheid kan nooit een excuus zijn voor openlijk en ongefundeerd racisme. Dit zomaar laten passeren gaat ook regelrecht in tegen de visietekst van de UGent, aangezien het steunen van dit soort onderzoek het concept van gelijke kansen intrinsiek ondermijnt.

Bericht: 
Als we de logica van de rector over 'vrijheid van meningsuiting' volgen, dan zijn onze conclusies: 1. Alchemisten zouden mogen werken op de afdeling Scheikunde. 2. Astrologen zouden mogen werken op de afdeling Astronomie. 3. Waarzeggers zouden mogen werken op de afdeling Economie. 4. Aanhangers van de platte-aarde-theorie zouden mogen werken op de afdeling Geologie. 5. Degenen die geloven dat kabouters echt bestaan, zouden mogen werken op de afdeling Zoölogie. 6. Eugenetici en racisten zouden mogen werken op de afdeling Filosofie. 7. Frenologen en handlezers zouden mogen werken op de afdeling Geneeskunde. 8. Degenen die geloven dat Star Wars echt is gebeurd, zouden mogen werken op de afdeling Geschiedenis. 9. Aanhangers van magische hydromantie zouden mogen werken op de afdeling Ingenieurswetenschappen.

Bericht: 
Het argument dat de ‘academische vrijheid’ in het gedrang komt, is pure hypocrisie en spreekt zichzelf juist tegen. Cofnas zelf is immers van mening dat zwarte mensen niet thuishoren in academische en maatschappelijke functies. Academische vrijheid geldt dus blijkbaar enkel voor witte academici die racistische onzin verkopen zonder een korrel wetenschappelijke grond. UGent tolereert niet alleen racisme, ze maakt zich er zelf schuldig aan. Onbegrijpelijk. Zeker in tijden van groeiende intolerantie en polarisatie. Gelukkig weten haar studenten wel beter!

Bericht: 
Afgezien van de terechte opmerkingen in zowel bovenstaand artikel als reacties, bestaat tevens het gevaar dat de "wetenschappelijke output" van de heer Cofnas vanaf nu met de UGent zullen geassocieerd worden. Is dit iets wat we willen? Andermaal is een normalisatie van extremisme en polarisatie aan de gang. Vrijheid van meningsuiting houdt zowel een recht als een plicht in. Een deel van die plicht is m.i. de bescherming van genoemde vrijheid tegen al wie haar vijandig gezind is. Dit kan niet enkel door verbolgen studenten gebeuren.

Bericht: 
Nooit gedacht dat mijn thesisonderzoek actualiteitswaarde zou hebben! Haar conclusie: menswetenschappelijk onderzoek moet veel meer begrensd worden door ethiek, omdat het fundamenteel verschilt van harde wetenschappen. Bij harde wetenschappen vormt de contextuele invloed van waaruit bepaalde waarnemingen gedaan worden, niet tot dezelfde ethische problemen als bij menswetenschappen. Bij beide disciplines heeft de context en ideologie van de wetenschapper experimenten en vaststellingen mee vorm. Menswetenschappen hebben echter een invloed op het domein van studie zelf (de mens begrijpt zichzelf via o.a. wetenschappelijke theorieën en dat heeft een invloed op diens gedrag), waar dat bij harde wetenschappen niet het geval is. Het predicatief succes van een theorie in de harde wetenschappen is ethisch neutraler om op basis daarvan te zeggen dat ze merite heeft. Bij menswetenschappen kan je immers de invloed van de theorie op het predicatief succes van de theorie zelf niet wegdenken. In een context waarin cultuur determineert welke waarnemingen gedaan worden, kan dat zeer problematisch zijn. Denk aan situationisme (omgaan met oorlogstrauma), homo economicus hypothesen (dominantie van liberalisme), en denk aan IQ-onderzoek van verschillende rassen (heropleving van fascisme) - allemaal theorieën die wetenschappelijke zelfkritiek op termijn niet overleven, maar in "het culturele moment" enorm schadelijke gevolgen kunnen hebben, net door hun 'succes'. Conclusie: bij menswetenschappen moet ethiek fundamenteel beïnvloeden en begrenzen welk wetenschappelijk onderzoek we toelaten en welk niet - veel fundamenteler dan bij andere wetenschappen. Gelukkig hebben we een deontologische code aan de UGent voor net zo'n gevallen!

Bericht: 
Nathan Cofnas is geen wetenschapper Uiteraard mogen ideeën botsen en zeker aan een universiteit. Maar als die ideeën inhoudelijk niets waard zijn, moeten we toch onze wenkbrauwen fronsen. Zo voelen de uitspraken van Cofnas en co aan. En onderzoek naar intelligentie moet kunnen, zoals onderzoek naar homo- of heteroseksualiteit enz. Indien goed gefundeerd geen probleem, maar als ik de uitspraken en artikelen van deze protagonisten van het rasrealisme (Nathan Cofnas, Jonathan Anomaly en Filipe Nobre Faria en Bouke De Vries) inhoudelijk bekijk, wordt bij mij toch het vermoeden gewekt dat deze opgebouwd zijn op een onjuiste en pseudowetenschappelijke basis. Indien hij stelt dat het zwarte ras minder intelligent is dan het witte heeft hij volgens mij toch te weinig kaas gegeten van genetica. Populaties van verschillende origine kunnen en hebben een ander IQ. Maar als je enkel IQ en maatschappelijk succes lineair met elkaar vergelijkt, slaag je de bal echt mis. Er bestaat geen slimheidsgen. Intelligentie is een polygenetische eigenschap: het is het resultaat van duizenden kleine variaties in ons DNA die elk een minuscuul effect hebben. En bovendien IQ met intelligentie verwarren is echt een probleem. IQ is een getal dat voortkomt uit een specifieke, gestandaardiseerde test. Het is een poging om een deel van je intelligentie te vangen in een meetbare score. Een IQ-test kijkt meestal naar logica, ruimtelijk inzicht, taalvaardigheid en werkgeheugen. Intelligentie is een breed, abstract begrip. Het omvat je vermogen om te leren, te begrijpen, problemen op te lossen, je aan te passen aan nieuwe situaties en kritisch na te denken. Niet alle aspecten van intelligentie kunnen gemeten worden. Bovendien heeft wetenschappelijk onderzoek ook aangetoond dat de verschillen tussen IQ en ras te verklaren zijn door ongelijkheid in onderwijs, voeding, gezondheidszorg en sociaaleconomische status. Indien aan deze factoren voldaan wordt, verhoogd ook het IQ. Ook het artikel “Can liberalism last” van Jonathan Anomaly en Filipe Nobre Faria (een zogenaamd wetenschappelijk discours dat door deze rasrealisten regelmatig aangehaald wordt) is gelardeerd met verwarrend taalgebruik. Liberale en niet-liberale samenlevingen zijn nogal verwarrende termen en worden ook niet duidelijk gedefinieerd. China wordt in het artikel als synoniem genomen voor een niet-liberale samenleving. Het lijkt me dat dictaturen hiermee bedoeld worden. Liberale samenlevingen zijn dan westerse landen met een hoog opgeleide blanke middenklasse waarvan verondersteld wordt dat deze mensen een hoger IQ hebben dan deze van niet-liberale samenlevingen. Hun lagere voortplantingsratio schijnt dan een probleem te zijn. Ook wordt onderschat dat een samenleving een dynamisch geheel is. Samenlevingen zijn niet statisch, maar evolueren altijd, zijn altijd in transitie. Culturen vermengen zich, waardoor het in the long run moeilijk vol te houden is dat een statisch beeld van onze samenleving als basis genomen kan worden om de relatie tussen IQ en samenlevingen te verklaren. De kritiek op hun denkbeelden wordt meestal afgedaan als woke. Ook hier vatten deze auteurs het probleem niet. Universiteiten die kritische opmerkingen afdoen als woke nemen meestal maatschappelijke aspecten op in hun (aanstellings)reglementen zoals mensen met een volgens de consensus afwijkende maatschappelijke mening of focus op zogenaamd wetenschappelijk taalgebruik. Uiteraard is dit niet correct. Maar daar gaat deze discussie niet over. Zie hiervoor het zeer goede boek The war on Science van Laurence Kraus Wegens de gebrekkige bewijsvoering en de feitelijke onjuistheden in de geanalyseerde publicaties, ontbreekt een duidelijk wetenschappelijk fundament voor de gedane claims. Dit noodzaakt tot een heroverweging van de geschiktheid van de betreffende persoon voor een positie binnen een academische context, waarbinnen intellectuele strengheid een basisvereiste is. Anders moeten we de zogenaamde wetenschappelijke claims van het Discovery Institute ook opnemen in het discours van academische vrijheid.

Bericht: 
Wat niet belet dat de cancelcultuur van vandaag onrustwekkend is. Studenten aan een universiteit moeten een pleiade van ideeën, en strekkingen voorgeschoteld krijgen, om kritisch te leren denken. Op die leeftijd worden ze geacht om volwassen genoeg te zijn om verantwoorde keuzes te maken en foute ideeën op hun waarde te beoordelen. Door het negeren of onder de mat vegen van racisme gaat het niet weg. In mijn tijd kon het uiten van dit gedachtegoed nog wel en ik ben absoluut geen racist geworden. Integendeel, het bood mij de kans om een gefundeerde argumentatie tegen te ontwikkelen

Bericht: 
Naam bij vorige bericht

Bericht: 
Thank you kindly!

Reactie toevoegen