Volgens artikel 20 van de journalistieke deontologie krijgen mensen waarover ernstige uitspraken of beschuldigingen gemaakt worden in een journalistiek werk, steeds het recht op antwoord aangeboden. Professor de Vries heeft dat recht op antwoord genuttigd om op de uitspraken van Dr. Beck te reageren. De volgende tekst is het antwoord van de professor:
Prof. Bouke de Vries
"Dat ik deel zou uitmaken van een zogenaamd ‘pseudowetenschappelijk netwerk van racistische theorieën’ is volstrekte onzin. Racisme — het moreel minderwaardig behandelen van mensen op basis van hun raciale of etnische achtergrond — is verwerpelijk, en ik heb nooit ook maar gesuggereerd dat dit aanvaardbaar zou zijn. U vermeldt niet welke collega deze lasterlijke uitspraken heeft gedaan, noch op welke theorieën wordt gedoeld, maar ik wil hierover twee opmerkingen maken.
Ten eerste is er een tendens binnen een steeds nauwer wordende links-progressieve orthodoxie om posities die niet aansluiten bij de eigen waarden — ongeacht de mate van wetenschappelijke onderbouwing — weg te zetten als pseudowetenschap. Dat is niet alleen vaak onjuist, maar ook hypocriet, aangezien veel van hun eigen overtuigingen weinig tot geen empirische steun genieten (zie bijvoorbeeld het recente boek Progressive Myths van prof. Michael Huemer). Wat betreft Nathans eerdere werk over raciale — of, zoals men tegenwoordig vaker zegt, ancestrale — groepen: het bestaan van dergelijke groepen wordt binnen de wetenschap wel degelijk breed erkend, en de erkenning daarvan is medisch van belang, zoals onder meer prof. Dimitri Aerden van de VUB recent in een interview heeft uitgelegd. Critici definiëren ‘ras’ vaak als groepen waarvan alle leden bepaalde eigenschappen zouden hebben die niet voorkomen bij buitenstaanders, maar geen enkele gerespecteerde wetenschapper hanteert die stroman-definitie of gelooft dat zulke groepen bestaan — ook Nathan niet.
Ten tweede zien we steeds vaker de neiging—zowel aan linker- als rechterzijde—om gebruik te maken van guilt by association, wat ook in uw verwijzing naar een vermeend netwerk doorklinkt. Met iemand in gesprek gaan, naar iemand luisteren of simpelweg in elkaars nabijheid verkeren, betekent niet dat men het met die persoon eens is of sympathie heeft voor diens overtuigingen, al kan dat soms wel het geval zijn. Als dat wel zo zou zijn, dan zouden alle deelnemers aan pro-Palestinademonstraties als sympathiserend met antisemitisme moeten worden bestempeld, omdat er vaak een antisemitische minderheid aanwezig is — een duidelijke drogredenering. Daarbij komt dat juist van filosofen mag worden verwacht dat zij de dialoog aangaan met andersdenkenden, aangezien onder meer confirmation bias het moeilijk maakt om voldoende kritisch te zijn op onze eigen fundamentele overtuigingen. Wanneer ik spreek met iemand met extreem linkse of rechtse opvattingen, zie ik dat niet alleen als een kans om die persoon mogelijk te overtuigen van mijn meer gematigde standpunten, maar ook als een gelegenheid om mijn eigen overtuigingen kritisch te toetsen. Zoals John Stuart Mill al stelde: zelfs als onze opvattingen juist zijn, is het belangrijk dat ze geen ‘dode dogma’s’ worden, maar dat we begrijpen waarom ze kloppen.
Wat betreft de aanstelling van Nathan heb ik gekeken naar drie criteria: het publicatierecord, de overlap tussen het werk van de kandidaat en het project, en de motivatiebrief. Op alle drie deze criteria scoorde Nathan zeer hoog. Naast het feit dat hij een zeer gemotiveerde indruk maakt, heeft hij gepubliceerd in de meest vooraanstaande filosofische tijdschriften (waaronder Philosophical Quarterly en Philosophical Studies), evenals in diverse wetenschappelijke tijdschriften. Daarmee behoort hij op onderzoeksgebied tot de top van de vakgroep Wijsbegeerte.
Daarbij komt dat hij in een van deze toptijdschriften reeds over het liberalisme heeft gepubliceerd, het onderwerp van het project. Hem omschrijven als louter een filosoof van de biologie is daarom misleidend. Nathan heeft niet alleen relevante expertise in de politieke filosofie aangetoond, maar heeft ook meerdere publicaties in de moraalfilosofie op zijn naam staan en, zoals u op zijn website kan lezen, identificeert zich tevens als moraalfilosoof."





Reactie toevoegen