Van de vervroegde sluiting van de Rozier tot de drastische plannen van minister Demir: de Gentse studentenwereld staat onder hoogspanning. Rector Petra De Sutter (P) en vicerector Herwig Reynaert (H) reageren op de groeiende bezorgdheden over de nieuwe regels van de Vlaamse regering.
In jullie programma ligt de nadruk op betere faciliteiten voor studenten, maar tegelijk sluit Rozier tegenwoordig juist vroeger. Is dat een bewuste besparingsmaatregel, of gaat het om een tijdelijk personeelstekort?
H: "Het past alvast niet binnen onze plannen om minder aan te bieden. Ons uitgangspunt blijft dat we, wat studentenfaciliteiten betreft, zoveel mogelijk willen bereiken voor onze studenten. Met succes trouwens. Dat bleek onlangs nog uit de positieve feedback van de studentenvertegenwoordiging in de Raad van Bestuur, onder meer over de studieplekken en de inspanningen rond de bibliotheken. Studenten waren daar zeer positief over en hebben ons daarvoor en de Raad van Bestuur expliciet bedankt."
P: "Misschien kan ook worden verduidelijkt dat wij niet betrokken worden bij erg operationele beslissingen. Heel concreet: over de openingsuren van de Rozier beslist een rector of vicerector niet. Het is een praktische keuze die ter plaatse wordt genomen en behoort tot de bevoegdheid van de faculteit."
Kunnen jullie daar dan iets aan doen om die studieplekken of openingsuren te verbeteren?
P: "Faculteiten mogen hun beschikbare budget inzetten en verdelen op de manier die zij verkiezen. Maar als het over zaken gaat die in tegenspraak zijn met wat wij als bestuur zeer belangrijk vinden, dan zal er van ons wel een reactie komen. In de trant van: 'Kijk, sorry, maar dat kan alleen maar tijdelijk zijn en probeer hiervoor de nodige middelen vrij te maken. Of we gaan centraal bekijken of er andere middelen beschikbaar zijn."
H: "Zeker als het over studieplekken gaat, wat de facto het geval is. Studieplekken zijn al serieus toegenomen in vergelijking met het verleden en ik denk dat dat absoluut nodig was. Maar we hebben ook gezegd dat er nog meer studieplekken moeten komen en dat we dat ook in de toekomst proberen te realiseren."
"De universiteiten zijn niet rechtstreeks betrokken geweest bij het opmaken van dit voorontwerp." - vice-recor Reynaert
"Ik kan ook vanuit de twee rollen spreken. Als vicerector over onze universiteitsbrede doelstelling én als ex-decaan, die operationeel aan de slag moest gaan met zo’n plan. Soms is het even niet mogelijk om alles op tijd rond te krijgen omdat je bijvoorbeeld over onvoldoende personeel beschikt of omdat het budget op de faculteit ontbreekt. Het betekent niet dat je afbreuk wil doen aan het universiteitsbrede beleidsplan rond dat thema."
Na de Pano-reportage over machtsmisbruik onder professoren (Pano, 11/12/2025 red.) gaf Demir aan dat ze binnen zes maanden een doorlichting wilde opstarten, in samenwerking met de vijf universiteiten, om deze problematiek aan te pakken. Is dat inmiddels gebeurd?
P: "Ja, dat is gebeurd. De tuchtreglementen voor personeel en studenten van de UGent werden aangepast, waarbij de tuchtorganen intussen voor de meerderheid bestaan uit externen, zoals een voorzitter-magistraat en experten in onder andere grensoverschrijdend gedrag, deontologie en antidiscriminatie. Bovendien zit nu ook een ‘raadkamer’ tussen de rector en de tuchtkamer. Als de rector zegt: 'we gaan hier niet naar tucht', dan kan dat alleen maar als de raadkamer daarmee akkoord gaat. Die zaken zijn intussen in voege en zullen van dichtbij opgevolgd en geëvalueerd worden. We gaan daarvoor wat tijd nodig hebben. Na zes maanden kan je moeilijk zeggen dat het allemaal al verbeterd en veranderd is.
Interuniversitair is er inderdaad ook een rapport publiek gemaakt rond grensoverschrijdend gedrag. Dit rapport werd intern besproken en met de minister."
Wat is jullie standpunt over die voorgestelde 80%-slaagdrempel en die minimumopname van 54 studiepunten van diezelfde minister (Zuhal Demir)? Dreigt dit volgens jullie de toegankelijkheid van het hoger onderwijs voor minder gegoede studenten, waar het voor hen niet lukt?
H: "Ons standpunt is duidelijk: we zijn daar momenteel geen voorstander van. De vorige minister van Onderwijs had al maatregelen genomen, en de eerste signalen wijzen er voorzichtig op dat die wel degelijk effect hebben. Het lijkt ons dus echt aangewezen om die maatregelen over een langere periode te evalueren. Wat ons betreft hoeven er niet onmiddellijk nieuwe te worden genomen."
Zijn jullie betrokken geweest bij het opmaken van dit voorontwerp, en verwachten of willen jullie nog betrokken worden in de verdere gesprekken?
H: "Nee, de universiteiten zijn niet rechtstreeks betrokken geweest bij het opmaken van dit voorontwerp. Er is wel een VLIR-werkgroep Onderwijs, waarin onze onderwijsdirecteur zetelt. In die zin zijn we dus indirect betrokken en wordt ons standpunt daar ook vertegenwoordigd."
Zouden jullie de huidige, relatief nieuwe maatregelen durven terugdraaien?
H: "Ik denk persoonlijk niet dat we die maatregelen zullen terugdraaien."
P: "De eerste signalen wijzen er alleszins op dat de huidige maatregelen een positief effect hebben. Maar we hebben echt nog tijd nodig om ze zeer grondig te beoordelen. Sowieso willen we dit eerst doen alvorens er nieuwe maatregelen komen."
Met dit beleid wil de minister de zogenaamde 'eeuwige student' aanpakken. Erkennen jullie dat dit fenomeen bestaat en dat het een probleem vormt? Zo ja, vinden jullie dat strengere sanctionering de juiste manier is om dat probleem aan te pakken?
H: "Het hangt af van hoe je het begrip 'eeuwige student' definieert. Als daarmee studenten worden bedoeld die zich inschrijven maar nooit naar de lessen gaan en geen examens afleggen, dan is het inderdaad niet de bedoeling, noch van de minister, noch van ons, om dat blijvend te financieren. In dat geval is het logisch dat daar op een bepaald moment een einde aan wordt gesteld.
Tegelijk vinden wij het belangrijk dat studenten die zich inzetten en examens afleggen maximaal de kans krijgen om zich in te schrijven en studiepunten op te nemen. Het is niet de bedoeling om studenten die in een moeilijke situatie hun diploma moeten behalen, uit te sluiten. Integendeel, we willen dat zoveel mogelijk studenten die starten, hun studies ook effectief kunnen afronden, zeker wanneer het gaat om studenten met een beurs en of studenten die in moeilijkere omstandigheden hun diploma moeten halen.
Het komt er dus op neer dat er een onderscheid moet worden gemaakt tussen studenten die geen enkele voortgang boeken en feitelijk afwezig blijven en studenten die wel inspanningen leveren en vooruitgang boeken."
Dus het voorstel van Demir houdt in dat studenten zonder studievoortgang in het eerste jaar, en met minder dan 30% studievoortgang in het tweede jaar, hun beurs zouden moeten terugbetalen. Zijn jullie daar eventueel voorstander van?
H: "Voor studenten die helemaal geen vooruitgang boeken en nooit een studiepunt behalen, is het wat mij betreft logisch dat het studietraject op een bepaald moment stopt. Eigenlijk zou het zelfs niet tot zo’n situatie mogen komen. Want wanneer studenten al in het eerste semester geen studiepunten behalen of niet deelnemen aan de examens, moet trajectbegeleiding snel kunnen bijspringen. De student kan dan worden doorverwezen naar een andere opleiding, binnen of buiten de universiteit. Het doel is te vermijden dat studenten zich blijven inschrijven zonder ook maar enige voortgang te maken."
P: "Uiteraard kunnen er altijd bijzondere omstandigheden spelen. Het is de reden dat dit soort situaties altijd individueel bekeken moeten worden."
H: "Net daarom bestaat een institutionele beroepscommissie. Studenten die volgens de geldende regels uit de boot dreigen te vallen, worden daar opnieuw geëvalueerd, met extra aandacht voor specifieke omstandigheden zoals medische, familiale of persoonlijke factoren. Er wordt rekening gehouden met de adviezen van trajectbegeleiding en van de ombudspersoon. We hebben zeker aandacht voor studenten die in bijzondere omstandigheden hun diploma moeten behalen."
Is de mogelijke terugbetaling van de beurs voor jullie dan geen oplossing?
H: "Voor ons is het logisch dat er op een bepaald moment een einde komt aan het traject van een student die op geen enkele manier vooruitgang boekt. Maar het is niet de oplossing voor een student die zich in zeer moeilijke omstandigheden bevindt. We beoordelen de situatie dus individueel."
Denkt u dat jullie definitie van de 'eeuwige student' overeenkomt met die van minister Demir?
H: "We hebben dit niet rechtstreeks met de minister besproken, dus ik kan niet zeggen of we dezelfde definitie hanteren. Bovendien lijkt de term 'eeuwige student' vandaag wat merkwaardig, zeker gezien het systeem van leerkrediet: zodra dat opgebruikt is, zijn de mogelijkheden om verder te studeren sowieso sterk beperkt.
Wat voor ons belangrijk is, is dat er bij eerstejaarsstudenten snel wordt ingegrepen wanneer het fout loopt, bijvoorbeeld al na het eerste semester. Dan moet het gesprek worden aangegaan om te bekijken welke omstandigheden meespelen. Misschien zit de student in de verkeerde opleiding? In dat geval is het van belang dat we de student tijdig kunnen heroriënteren. Trajectbegeleiding speelt daarin dus een belangrijke rol en nodigt studenten ook actief uit voor een gesprek."
"Onze indruk is dat de minister luistert naar argumenten om dit voorontwerp niet onmiddellijk door te voeren." - Rector De Sutter
"Maar ongeacht hoe je het begrip 'eeuwige student' precies definieert, moeten we die situatie vooral proberen te vermijden, vind ik. Elke student heeft talent, soms wordt simpelweg voor de verkeerde richting gekozen. Het is dan de taak van de universiteit om studenten te helpen om hun talent elders te laten schitteren. Het is niet fout om na een semester vast te stellen dat een initiële keuze niet de juiste was. Het komt er vooral op neer om studenten zo snel mogelijk op het meest geschikte studiepad te krijgen."
Veel studenten maken zich zorgen over dit voorontwerp van Zuhal Demir en vragen zich af of de UGent zich hiertegen zou verzetten wanneer het effectief op tafel komt. Zijn er stappen die de UGent zou ondernemen om in dit dossier de belangen van studenten te verdedigen?
H: "In mijn ogen gebeurt dat nu al want de belangen van al onze studenten worden dagelijks op die manier verdedigd, onder andere via onze onderwijsdirecteur."
P: "We bevinden ons inderdaad nog in een onderhandelingsfase. Onze indruk is dat de minister wel luistert naar onze argumenten om dit voorontwerp er niet onmiddellijk wordt doorgeduwd. We kunnen uiteraard niet vooruit lopen op wat de minister uiteindelijk zal beslissen, maar zolang er gesprekken lopen, hebben we het gevoel dat deze kwestie op een verantwoorde manier wordt behandeld."
Wat is vandaag de stand van zaken rond AI aan de universiteit? In het tweede deel van ons gesprek met de rector en vicerector richten we ons op artificiële intelligentie. We peilen naar de nood aan een "AI-politie" op de campus en naar hoe de UGent omgaat met fraude nu een masterproef in één klik gegenereerd kan worden. Te lezen op de website vanaf woensdag 25 maart 2026 om 12 uur.
De redactie legde vooraf vragen voor over de omstreden onderzoeker Nathan Cofnas, maar het rectorale duo nam deze niet op in het gesprek. Ze verkozen om enkel schriftelijk te reageren via een algemeen statement dat aan alle nationale media werd bezorgd. Daarin stelt de rector de uitspraken van Cofnas "kwetsend en verontrustend" te vinden, maar benadrukt ze dat de aanwerving gebeurde binnen het geldende juridische kader en de faculteitsautonomie.





Reacties
(Geen onderwerp)
Reactie toevoegen