Annalise Delbouille doorbreekt de klassieke grenzen van de zorg


Door

Archief

Annalise Delbouille zit niet stil. Als pas afgestudeerd klinisch psycholoog werkt ze als leefgroepbegeleider en daarnaast combineert ze de master gender en diversiteit met de eduma cultuurwetenschappen, modellenwerk bij No Babes, muziek en drag.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 6/03/2022 – 22:14 door Char­lotte Mon­bailleu

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Wat inspireert jou? 

“Ik word enorm ger­aakt door onrecht. Ik probeer het slechte in de wereld te beant­wo­or­den met kun­st en zorg. Er zijn ook wel een paar zwarte fem­i­nis­ten die mij inspir­eren. Dat gaat van Angela Davis tot Bell Hooks; zij zijn echt prachtig.”

Wat houdt je bezig? 

“Als leef­groep­begelei­der kom ik con­stant in con­tact met kwets­bare jon­geren uit een moeil­ijke omgev­ing. Ik geef hen weke­lijks muziekate­lier. Dat kan op heel veel ver­schil­lende manieren wor­den inge­vuld. Soms is er iemand die piano wil leren spe­len, maar even goed luis­teren we samen muziek om daar dan over te prat­en. Ook in mijn vri­je tijd ben ik enorm veel bezig met muziek: dat gaat van een Franse punkband tot melige soul. Het komt ook tot uit­ing in mijn drag.”

Drag is kunst

Hoe kwam drag in jouw lev­en?

“Het kijken van ‘RuPaul’s Drag Race’ tij­dens de lock­down wakkerde mijn inter­esse aan. Daarom koos ik ervoor om met mijn mas­ter­proef de drag scene in Bel­gië in kaart te bren­gen. Ik ont­dek­te al snel dat ‘de’ drag scene van Bel­gië niet bestaat, daar­voor is de kun­stvorm te divers. Na het inter­viewen van ver­schil­lende arti­esten en het bek­ijken van hun shows was ik verkocht. Ik wou onder­zoeken wat drag voor mensen kan beteke­nen. Het is iets heel per­soon­lijks, dus er zijn soms heel sterke con­trasten. Bij de één is drag echt hun lev­en en zijn ze er enorm open over, bij andere mensen weten hun eigen fam­i­lie en vrien­den het niet. Op mijn stage heb ik dan het even­e­ment ‘What The Drag’ geor­gan­iseerd. Dat is een tweedaags fes­ti­val met door­lopende expo’s, lezin­gen, de ver­ton­ing van een Grieks drag­col­lec­tief, optre­dens, enzovoort. Het was heel breed. Zo was er ook een work­shop door Senne Mis­plon over bystander train­ing; wat moet je doen als je grensover­schri­j­dend gedrag ziet gebeuren?”

“Ik wou onder­zoeken wat drag voor mensen kan beteke­nen”

Wat is drag voor jou?

“Drag betekent voor iedereen iets anders, voor mij is het echt kun­st. De schmink, de optre­dens, het grafis­che werk, kos­tu­umon­twerp … Meer dan dat is het ook kun­st met een sub­ver­sief poten­tieel. Je kan spe­len met gen­der­nor­men en kri­jgt de ruimte om dom­i­nante nor­men en waar­den in vraag te stellen op een spe­lende manier. De vraag is dan wel: ‘In welke mate wordt het door iedereen gezien als kun­st?’ Zo hebben veel dra­gar­ti­esten enkel een kun­ste­naarskaart door­dat ze hun drag com­bineren met een andere, meer klassieke, kun­stvorm. Hun drag alleen wordt niet per se als kun­st erk­end, ter­wi­jl je er ontzettend veel ver­schil­lende vaardighe­den voor nodig hebt.”

“De strenge nor­men over wat drag wel of niet is, ver­vagen”

Hoe benad­er je de drag­w­ereld vanu­it jouw acad­emis­che achter­grond?

“In de Verenigde Stat­en is drag een stuk com­peti­tiev­er geor­gan­iseerd. Je moet veel meer vol­doen aan bepaalde nor­men om er je geld te ver­di­enen als dra­gar­ti­est. In Bel­gië is het zo goed als onmo­gelijk om enkel als dra­gar­ti­est aan de kost te komen. De infra­struc­tu­ur is er niet, maar dat zorgt er ook wel voor dat de com­peti­tie weg­valt en de sfeer een stuk gemoedelijk­er is. Mensen helpen elka­ar groeien op hun eigen manier. Die strenge nor­men over wat drag wel of niet is, ver­vagen. Het moeil­ijke is dan wel dat de shows die er zijn alle­maal door dra­gar­ti­esten zelf wor­den geor­gan­iseerd. Daar­naast zijn er in Bel­gië weinig zwarte vrouwen, man­nen of non-binaire per­so­n­en die drag doen. Op elk vlak is er daar wel wat onder­rep­re­sen­tatie. Het is heel moeil­ijk ermee te begin­nen als je het nooit echt ziet.”

Wat moet iedereen vol­gens jou gezien of gelezen hebben?

“Er zijn twee sci­encefic­tion­films waar ik regel­matig aan terug­denk omdat ik ze con­ceptueel inter­es­sant vind. De film ‘Mr. Nobody’ met Jared Leto heeft een diepe indruk op me nage­lat­en. Ook de film ‘Coher­ence’ deed me nadenken over hoe ik mijn lev­en wil lei­den. Daar­naast ben ik veel onder­weg en die tijd spendeer ik graag al lezend. Recent kwam het boek ‘Notes on Grief’ heel erg hard bin­nen. De Nige­ri­aanse schri­jf­ster Chi­ma­man­da Ngozi Adichie schri­jft over het ver­lies van haar vad­er tij­dens de pan­demie. Ze reflecteert over rouwen op een moment waarin een groot deel van de wereld­bevolk­ing met ver­lies gecon­fron­teerd wordt. Het is miss­chien wat duis­ter, maar ik vond het heel sterk.”

Waar droom je nog van? 

“Vanaf mei ben ik zes maan­den res­i­dent artist in Broei. Mijn project gaat over de verbind­ing tussen zorg en kun­st. Zo zal ik bijscholin­gen rond gen­der organ­is­eren voor hulpver­len­ers, maar zal ik ook proberen tools aan te reiken om aan men­taal welz­i­jn te werken. Daar­naast komen er ver­schil­lende cre­atieve work­shops. Dat project is een soort niet-klassieke prak­tijk. In die zin droom ik ervan om de gren­zen van de klassieke zorg te door­breken via kun­st.”


Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *