Even voorstellen: het studentenblad dat je nu vasthoudt
- editie
- 500
- categorie
- nieuws en reportages
Volgens de officiële overlevering is Schamper aan haar 500ste editie toe. Reden dus om stil te staan bij de opmerkelijkste episodes uit de geschiedenis van het Gentse studentenblad en haar universiteit.
We bevinden ons in 1975: Rugnummer, het algemeen studentenblad van de Rijksuniversiteit Gent, wordt opgedoekt. In het voorlaatste nummer werd professor (en later baron) Raoul Van Caeneghem een “zwijn” genoemd. De maat is vol voor rector André Devreker en hij schrapt de subsidies voor Rugnummer, dat daarvoor al in opspraak kwam door de publicatie van naaktfoto’s en -tekeningen. Enkele ex-redacteurs onderhandelen over het oprichten van een nieuw studentenblad. Koen Raes, die daarvoor een vaste column in Rugnummer had, wordt hoofdredacteur van het blad dat Schamper zal heten. In tegenstelling tot zijn voorganger wordt Schamper een gratis te verkrijgen magazine dat volledig op vrijwilligers draait. En zo is het nog steeds.
Wc-tennis
“Schamper bood zich aan als het blad van nieuw links. Wij konden ons dat permitteren. Links was immers populair”, aldus Koen Raes in een later interview. De linkse oriëntering van het studentenblad in de begindagen blijkt duidelijk uit de artikels. Schamper bracht op een aantal krantenpagina’s in A3-formaat kritische berichtgeving over gebeurtenissen op zowel het universitaire eiland als het internationale schouwtoneel. Hoewel het studentenblad die linkse oriëntering deelde met veel andere studentenverenigingen, belette dat het blad niet om commentaar te spuien op die universitaire organen. Schamper richtte zich vooral op de studenten “die zich onwennig voelen binnen de bestaande structuren van de studentenwereld”. Daardoor kwam het wel meerdere malen in conflict met universitaire verenigingen, zowel linkse als rechtse. In vroegere tijden hebben onder andere het Fakulteitenkonvent (FK), de Sociale Raad, de Raad van Beheer (nu Raad van Bestuur) en de Gentse Studentenraad (GSR) pogingen ondernomen om Schamper ofwel als spreekbuis voor zichzelf te rekruteren ofwel botweg te saboteren. Dat gebeurde met wisselend succes, maar daarover later meer.
Schamper is ook menigmaal met de politieke studentenverenigingen in aanvaring gekomen. Het Liberaal Vlaams Studentenverbond (LVSV), met toen nog Guy Verhofstadt in de rangen, bestookte het studentenblad in de begindagen met lezersbrieven om er zo haar stempel op te drukken. Maar er waren ook driestere gevallen. In 1986 was Protea de kop van jut in Schamper. Protea verenigde de studenten die een boon hadden voor Zuid-Afrika, toen nog onder het apartheidsregime. Een artikel op de voorpagina van nummer 225 berichtte over een mislukte actie van Protea op de vergadering van de GSR. Niemand kreeg nummer 225 echter te lezen. Net voor Schamper werd verdeeld, werd de volledige editie ontvreemd door onbekenden. Protea was meteen verdachte nummer één. Kort na de roof werd een pamflet verspreid onder de noemer “Schamper 225”, weliswaar niet afkomstig van de redactie. Het pamflet kopte “De aanslag op Schamper. Persvrijheid in gevaar” en wees vijf potentiële daders van de roof aan, waaronder Protea. Omdat zij als enigen in het pamflet werden verdedigd en omdat er citaten in voorkwamen die enkel afkomstig konden zijn van iemand die de ontvreemde editie had gelezen, groeide het vermoeden dat Protea achter de roof en de valse Schamper zat nog meer. Een tweede diefstal gebeurde in 1992, toen een groot deel van feestnummer 300 werd ontvreemd. Achter die daad zat waarschijnlijk de Nationalistische Studentenvereniging (NSV!), die in die editie werd bekritiseerd mede omdat ze propaganda voor zichzelf tussen Schampers hadden gestoken.
Corpora delicti
Schamper kreeg het niet enkel aan de stok met studentenverenigingen. Ook de arm der wet deed wel eens lastig. In 1978 publiceerde het studentenblad in nummer 51 een artikel dat pleitte voor de legalisering van abortus — wat in België pas in 1990 gebeurde. Het artikel omvatte ook adressen van abortusklinieken in Nederland. De telefoongesprekken van toenmalig hoofdredacteur Rik Van Nuffel werden vermoedelijk afgeluisterd door de politie. Nog voor deze kon worden verdeeld, werd de hele oplage van nummer 51 op bevel van de procureur-generaal van Gent in beslag genomen. Uiteindelijk kwam er een onnozel compromis waardoor deze editie toch nog mocht worden verspreid: de redactie beloofde de adressen in elk exemplaar te bedekken met een sticker. Dat die stickers achteraf eenvoudig te verwijderen waren, had de naïeve procureur-generaal niet bedacht.
Eind jaren zeventig was een woelige periode in de geschiedenis van de Vlaamse universiteiten. De regering had in 1978 de zogenaamde ‘Anticrisiswet’ goedgekeurd, een totaalpakket van besparingsmaatregelen. Bij die maatregelen hoorde het optrekken van het inschrijvingsgeld voor de universiteit van 5000 naar 10 000 frank. De studenten reageerden furieus en er volgden massale betogingen. Naarmate die steeds feller werden, werd ook het optreden van rijkswacht en politie hardhandiger. Wie er beeld en geluid bij wil, moet maar eens op de website www.ugentmemorie.be zoeken op “protest tegen de 10.000”. Niet alleen de matrak, maar ook het huiszoekingsbevel werd gehanteerd. De politie had het gemunt op de piraatzender Radio Aktief, die een belangrijke rol speelde bij het mobiliseren van de studenten. Onder de talrijke schuiladressen van Radio Aktief bevonden zich De Brug, dat vroeger fungeerde als studentenhuis, en de redactie van Schamper, toen in De Brug gevestigd. Bij een doortastende huiszoeking in het studentenhuis werd de redactie niet gespaard. Tot de in beslag genomen ‘corpora delicti’ behoorde onder meer de abonneelijst van Schamper.
Nog meer hommeles
De redactie schepte er plezier in om zelfs de heiligste huisjes omver te walsen. Toen in mei 1985 paus Johannes Paulus II de Belgische grond kuste, was dit voor een satirische columnist de aanleiding om gniffelend het heilige kruis van de paus “dat open en bloot aan zijn lijf bengelt” te beschimpen. Rector André Cottenie beschermde de teergevoelige zieltjes van de “rooms-katholieke gemeenschap, niet alleen aan de Gentse Universiteit, maar ook daarbuiten”. “Het schandaalblad” verloor na een unanieme beslissing van de Raad van Beheer zijn subsidies. De drooglegging zou blijven duren tot er een nieuwe, pluralistisch opgestelde redactieraad aangesteld werd. Schamper liet zich niet muilkorven. De Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS) stopte de redactie de nodige centen toe en een extra editie van Schamper werd bij het VVS-blad gevoegd. “De RUG is dood! Leve de KUG” blokletterde de voorpagina. Daarmee klaagde men aan dat de Rijksuniversiteit Gent (zoals de UGent vroeger heette) te katholieke standpunten innam. Toch deed de redactie ook water bij de wijn door zelf voorstellen te doen voor de op te richten “pluralistische redactieraad”. Het uiteindelijke compromis bestond uit een redactieraad waarin naast redacteurs en hoofdredacteur ook twee leden van de GSR zetelden. De subsidies vloeiden echter pas weer rijkelijk onder Cottenies opvolger, rector Leon De Meyer — jawel, die van het gelijknamige auditorium.
Nog geen twee jaar later was het weer van dattum. De verkiezing van de nieuwe studentenvertegenwoordigers inspireerde enige spottende geesten tot het veroordelen van enkele toenmalige stuvers als carrièristische varkens. Eindredacteur Wim Tesier, die zich ook kandidaat stelde, werd daarentegen opgehemeld als een “schaterlachende confrater” en een “sympathieke kerel”. Het hoeft niet te verbazen dat de studentenvertegenwoordigers verbolgen waren. De GSR sloot de subsidiesluis en dreigde even met de oprichting van een commissie die zou zoeken naar mogelijkheden voor een “nieuw schrijvend medium”.
De Schamperredactie riposteerde rabiaat en bracht, dankzij extra advertenties, een editie uit met louter kritiek op de GSR. De kop schreeuwde moord en brand en toenmalig GSR-voorzitter Bernard Mazijn werd — subtiele woordspelletjes waren altijd al onze specialiteit — tot (m)azijnpisser omgedoopt. Zomerse onderhandelingen verzekerden het voortbestaan van Schamper, maar onder bepaalde voorwaarden. Merkwaardige tradities, zoals de tweewekelijkse editie en de focus op universitair en studentikoos nieuws, zagen toen het zonlicht. De relaties tussen de stuvers en de redactie normaliseerden. De controle door een redactieraad gedijde nog jaren en werd pas in 1993 afgeschaft “om de onafhankelijkheid van Schamper te garanderen”.
In 1994 keerde het tij weer. De Vereniging van Konventsvoorzitters nam een aanzienlijke hap uit het budget van Schamper. Een artikel met de veelzeggende titel “PFK: linke linkse soep” had kwaad bloed gezet. Schamper bezuinigde dan maar om te overleven en kwam slechts driewekelijks meer uit. De situatie werd geleidelijk beter en het zou de laatste keer zijn dat de cashflow bedreigd werd.
Seks en anarchie
Naast de universitaire heibel die Schamper veroorzaakte, hield het blad zich wel bezig met wat het moest doen: de student informeren over wat er gaande was. In de jaren zeventig gaf de Gentse universiteit bij elke nieuwe inschrijving een brochure die waarschuwde over de gevaren van seks. Concreet kwam dat neer op een goor blaadje met foto’s van geslachtsziektes. Voor Schamper stuurde de brochure vooral aan op seksuele onthouding. Toen een meer verfijnde brochure van Info-Jeugd Nationaal bij het inschrijvingspakket werd gestoken, kreeg de universiteit brieven van ongeruste ouders en het plan werd gestaakt. Dus nam Schamper de taak op zich om de onwetende studenten een licht in het duister aan te bieden en de brochure van Info-Jeugd Nationaal bij het begin van elk academiejaar te publiceren. Een mooie geste in preutse tijden.
En de naam van dit studentenblad, waar komt die van? Koen Raes was diegene die “Schamper” opperde. Hij haalde de mosterd bij De leeuw van Vlaanderen van Hendrik Conscience. In een bepaalde scène bespotten de Brugse vrouwen de Franse koning en zijn gevolg. “Schamper lachten de Brugse vrouwen”: op politiek vlak waren ze machteloos, maar ze waren wel rijker en dus beter uitgedost dan de Franse gezagsdragers. Voor Raes was deze houding typerend voor de Vlaming. “Schamper zijn” komt neer op een soort “anarchiserend bespotten van de macht”, maar dan vanuit een machteloze positie. Hoewel, machteloos?
Carrièrekrakers
Schamper luidde meermaals de klokken in schandalen die leidden tot het kraken — vanzelfsprekend vertrekkend vanuit een correcte journalistieke deontologie — van carrières. Een daarvan was die van professor Fernand Vandamme. Vandamme, inmiddels op pensioen gestuurd, zette in zijn jaren aan de universiteit een schimmig netwerk van vzw’s en frauduleuze bedrijven op — onbelast door enige publicatiedruk, zo lijkt het althans. Hij was ook het brein achter de “specialisatieopleiding” Knowledge and Information Management, die vooral buitenlandse studenten aantrok. De onwetende uitwisselingsstudenten werden echter in een doolhof van slecht georganiseerde vakken losgelaten: cursussen die uit één les bestonden, gedoceerd door proffen die niet eens wisten dat ze dat vak gaven en waar zelfs pro forma indienen tot een hoog cijfer leidde. Om maar te zwijgen van de 750 à 1000 euro die de studenten bovenop hun inschrijvingsgeld moesten ophoesten en waarvoor ze in ruil enkel wat kopieën ontvingen. Schamper volgde de zaak op de voet en tal van artikels verschenen over Vandammes praktijken. De zaak Vandamme verschijnt momenteel voor het gerecht.
Een andere duistere figuur die door Schamper ontmaskerd werd, is Paul Verhille, brein achter louche studiebegeleidingskantoren. Ongeruste ouders dokten aan Memento, Verhilles bedrijfje, om hun kind door de examens te helpen. Dit geld stroomde echter niet even vlot door naar de als leerkracht aangetrokken studenten. Ook Humo en De Morgen besteedden pagina’s aan Verhilles praktijken.
De (soms) liegende reporter
Redacteurs van de grote kranten en weekbladen bladeren wel vaker door Schamper. Zo werd in 1997 wars van enige wetenschappelijke pretentie steekproefsgewijs gepeild naar het brosgedrag in verschillende richtingen. De tweede kandidatuur Germaanse en Geschiedenis kwam met een score van zeventien procent aanwezigen als winnaar — verliezer? — uit de bus. Belga nam het artikel over en zo werd het absenteïsme van de kandidatuurstudenten nationaal nieuws. Ook stukken rond de slepende zaak Marc Cogen werden vaak met een Schamper in de hand gepend. Enkele keren oversteeg een artikel van Schamper de vierde macht. Naar aanleiding van een artikel over de bezinningsplaats in de kelder van Home Heymans stelde Vlaams Belanger Johan Deckmyn zelf een parlementaire vraag. De bezinningsplaats, bedoeld voor verschillende religies, werd haast uitsluitend als “moskee” gebruikt, en dan vooral door niet-studenten.
Dat journalisten niet altijd plichtbewust hun bronnen checken, vermoeden lezers al langer. Sommige nieuwsredacteurs maakten het heel erg bont door nieuws dat in Schamper onder de kop satire gepubliceerd werd schaamteloos te kopiëren. In nummer 493 verscheen een “getuigenis” van een anonieme militair die beweerde dat het Belgische leger het Anarchistisch Kollektief, de Marxistisch-Leninistische Beweging én Verkeerd Geparkeerd infiltreerde. VTM en AVS waren er als de kippen bij en contacteerden Schamper over het voorval. Francis Van den Eynde — alweer een Vlaams Belanger — plande bovendien om aan de toenmalige minister van Landsverdediging een schriftelijke vraag te sturen. Eenzelfde misverstand lag aan de basis van de woede van menig student en personeelslid over het nieuws dat de Ledeganck zou worden omgevormd tot “McLedeganck”. Een satireartikel meldde dat de Amerikaanse hamburgerketen deze bunker van de wetenschap zou inpalmen.
De sarkasten, de ironiërs, de cynisten
Natuurlijk is Schamper ook geëvolueerd. De eerste edities werden ineengeflanst in de keuken van een gemeenschapshuis in de Korte Meer. Pas in het academiejaar 1977-1978 verhuisde de redactie naar De Brug, waar ze bleef tot de opening van studentenhuis De Therminal. In De Brug had Schamper het niet onder de markt. Als nomaden waren ze verplicht door het gebouw te trekken en hun materiaal werd vaker door onbekenden ontvreemd dan dat ze er zelf gebruik van konden maken. Dat maakte van het creëren van een papieren editie een huzarenstuk: op maandagen vond de wekelijkse redactievergadering plaats, waarna de hele nacht artikels werden getypt, geknipt en geplakt.
Het blad van papier schrijft zichzelf niet. Het begon als een project van een tiental pioniers, maar omdat studenten nu eenmaal verdwijnen nadat ze zijn afgestudeerd, leed de redactie al snel aan bloedarmoede. Dieptepunt was editie 90, waarvoor geen enkel artikel meer werd binnengebracht. Hoofdredacteur Rik Van Nuffel schreef een doorleefde oproep en vatte in een pennenstreek de geest van het studentenblad samen: “Waar zijn al die grote monden die op kafee zo goed weten te vertellen waarom het met de studentenbeweging niet goed meer gaat? Waar zijn die mensen in fakulteiten die vinden dat hun proffen klootzakken en onbenullen zijn? Waar zijn ze, de sarkasten, de ironiërs, de cynisten?” Mede door de zomeredities van Schamper in de jaren negentig werd het nadien nooit meer zo erg.
Inhoud voor de vorm
Ook de look van Schamper veranderde met de seizoenen. De eerste Schampers betekenden een radicale stijlbreuk met de dure lay-out van moederblad Rugnummer. Schamper verscheen in zwart-wit op A3-formaat en met schots en scheef geplakte tekstkolommen. “Inhoud voor vorm”, zo luidde de gemakzuchtige redenering van de redactie. Pas in 1984 sierde een eerste satirische foto de voorpagina. Het blad begon er steeds meer uit te zien als een tijdschrift. Ook de ondertitel wisselde: van “Schamper, het blad van de intellueel (sic)” naar “Schamper, persvers studentenblad voor de RUG”, naar het huidige “Schamper, het blad van papier”. De grote sprong voorwaarts kwam er met de internetboom van 1994-1995. In een race met het Leuvense studentenblad Veto om als eerste een volwaardige website af te krijgen, werd Schamper 328 op 3 maart 1995 officieel op het web geplaatst. Zodoende was het het allereerste Belgische blad dat volledig op het internet te raadplegen was. Kers op de taart was de latere ingebruikname van het content managing system Drupal als basis voor de Schamper-website. Een verstandige keuze, zo bleek toen ook het Witte Huis Drupal als softwarepakket aannam. Schamper: altijd een stapje voor.
Schamper stelt tentoon, naar aanleiding van haar vijfhonderdste! Bezoek de gratis expo in de foyer van het Ufo tussen 21 en 31 maart, tijdens de openingsuren van de unief.
De “getuigenis” van de anonieme militair (zie ‘De (soms) liegende reporter’ hierboven) verscheen in Schamper 349, niet 493.




