Zwanger, mama en studente
- 479
- editie
- nieuws en reportages
- categorie
- interview
- student
- zwanger
- sleutelwoorden
- Kind en Gezin
- UGent
- organisaties
Studentes die zwanger raken tijdens hun universitaire opleiding bestaan wel degelijk, zelfs al zie je ze niet in grote getale door de gangen lopen. Schamper belde naar een studentenarts van de UGent die ons wist te vertellen dat er zodanig weinig zwangere studentes over de vloer komen dat er geen feitelijke gegevens over het exacte aantal beschikbaar zijn. Wij hebben echter een studente gevonden die wilde getuigen over haar zwangerschap en de gevolgen ervan voor haar leven en studies.
Schamper praatte met Sanne, een 22-jarige studente in de eerste bachelor Geneeskunde. Op 28 augustus 2007 beviel ze van Wout.
De ommekeer
Toen Sanne 19 was en het eerste jaar Geschiedenis moest bissen, ontdekte ze dat ze zwanger was. Ze woonde op dat moment al anderhalf jaar samen met haar huidige vriend Karel, die negen jaar ouder is en als huisarts werkt. De zwangerschap was niet gepland maar zeker niet ongewenst. Het eerste moment heerste er ongeloof, daarna paniek en uiteindelijk berusting. Al heel snel gingen Sanne en haar vriend de gedachte aan een kindje koesteren en beslisten ze om het te houden. Dat Karel op dat moment al 29 was en zich helemaal klaar voelde voor kinderen vergemakkelijkte die beslissing. En omdat ze samenwoonde met iemand die veel ouder is, beleefde Sanne het studentenleven ook op een heel andere manier dan de gemiddelde 18-jarige kotstudent. Haar studies wou ze wel ten allen prijze afmaken.
Omdat Sannes vriend als huisarts een heel stabiele job had, kreeg het koppel overwegend positieve reacties van hun omgeving. Ze kregen veel steun van hun ouders en ook hun vrienden waren enthousiast. Zeker aan haar beste vriend had Sanne veel steun, want van haar medestudenten kreeg ze wel eens scheve blikken wanneer ze met haar bolle buik voorbijliep.
Achteraf bekeken
Dat Sanne aan het begin van haar zwangerschap veel last had van vermoeidheid en zwangerschapskwaaltjes, beïnvloedde haar examens. In de periode tussen haar derde en zesde maand ondervond ze weinig tot geen problemen, maar dat verslechterde weer naarmate haar zwangerschap het laatste stadium bereikte. Hierdoor miste ze een examen, dat ze een week voor haar bevalling toch nog aflegde in tweede zit.
De meeste jonge moeders kunnen gebruik maken van zwangerschapsverlof. Voor studentes die net bevallen zijn, geldt dit uiteraard niet. Een maand na haar bevalling begon voor Sanne al het nieuwe academiejaar. En zoals de auditoria niet echt voorzien zijn op zwangere studentes, zijn er ook geen voorzieningen voor jonge moeders. En dus moest Sanne noodgedwongen tussen de lessen door in de toiletten melk gaan afkolven voor haar zoontje, dat opgevangen werd door babysitters. Vooral de eerste maanden na haar bevalling waren voor Sanne het moeilijkst, omdat haar zoontje nog niet doorsliep en om de 2 à 3 uur gevoed moest worden. Als ze dan de volgende dag om 10u in de les moest zijn bij een niet zo meelevende prof, was dat vaak ontmoedigend voor haar. Ze vond het echter belangrijk om elke les bij te wonen, zodat ze eventjes kon bekomen van het moederschap en opnieuw voor een tijdje student kon zijn. Het verantwoordelijkheidsgevoel dat het moederschap met zich meebracht, zorgde ervoor dat Sanne op zoek ging naar een opleiding die meer toekomst en jobkansen bood. Zo kwam ze terecht in de Geneeskunde, na een jaar Biomedische Wetenschappen gevolgd te hebben. ‘Ik wil Woutje een goede toekomst kunnen geven,’ zegt ze, ‘en daarvoor is zekerheid belangrijk.’
Sanne vindt dat een kind vooral veel organisatie vergt. Omdat haar vriend als huisarts lange uren draait, komt de zorg voor hun kind heel vaak op haar schouders terecht. Vooral kinderopvang was een groot probleem omdat je je voor kinderdagverblijven eigenlijk al moet inschrijven vóór je effectief zwanger bent. De universiteitscrèches voorzien wel een voorrangssysteem voor studenten en personeel van de UGent. Zo kon Wout uiteindelijk toch naar de opvang toen hij zes maanden oud was. Ook een rijbewijs halen was onontbeerlijk om Wout ‘s ochtends op tijd in de crèche te krijgen en toch ook om 8.30 uur in de les te zitten. Verder zijn Sanne en haar vriend ook heel actief op politiek vlak, wat ook een aantal verplichtingen met zich meebrengt. Voor de geboorte van hun kind hadden ze allebei een drukke agenda, maar nu is het organisatorisch niet mogelijk om gewoon hun eigen gang te blijven gaan. Compromissen sluiten en wekelijks agenda’s naast elkaar leggen is noodzakelijk om genoeg tijd voor elkaar te hebben.
Sanne vindt dat haar kindje en haar studies nog steeds goed te combineren zijn. Haar zoontje wordt ook steeds zelfstandiger, maar een kind vergt hoe dan ook veel energie. Nadat hij ‘s avonds in zijn bedje ligt, is ze bekaf. Dan moet ze het huishouden nog in orde brengen en daarna ploft ze in de zetel voor de tv tot ze anderhalf uur later zelf ook gaat slapen. Studeren na de lessen zit er voor haar dus niet in. Toch denkt ze dat het moederschap voor haar als studente ook veel voordelen met zich meebrengt. Zij heeft bijvoorbeeld wél drie maanden vakantie en ze kan thuisblijven als haar kindje ziek is. Tijdens de examenperiode lukt het met voldoende organisatie ook wel. Omdat Wout dan al om 17 uur terug is van de crèche moet ze zorgen dat ze daarvoor al genoeg gestudeerd heeft. ‘Als het moet, dan doe je het gewoon’, zegt ze.
Financieel overleven ze zonder al te veel problemen met het inkomen van Karel, het kindergeld en haar leeftijdstoelage. Ook krijgt Sanne jaarlijks een volledige studiebeurs van de overheid. Een job heeft ze niet, omdat dat moeilijk te combineren is met haar studies en de zorg voor een kind.
Sanne is ook een groot voorstander van de universiteitscrèches, die bekwaam en sympathiek personeel tewerkstellen. Ze merkt dat haar zoontje er sociaal leert zijn, samen leert spelen en zijn mannetje leert staan.
Kinderopvang aan de UGent
De UGent heeft twee door Kind en Gezin erkende kindercrèches: de crèche aan de Sterre en de crèche Corneel Heymans. In 2008 zijn er ook twee minicrèches bijgekomen, die uitgebaat worden door Partena Kinderopvang, de private partner van de UGent. De minicrèche De Stadskabouter is terug te vinden in het UZ en De Boskabouter in Melle – Gontrode. Verder zijn er nog 35 bijkomende opvangplaatsen bij onthaalouders in en rond Gent. De Universiteit Gent biedt in haar crèches opvang voor kinderen van 0 tot 3 jaar. De beschikbare plaatsen zijn toegankelijk voor iedereen, maar als de vraag groter is dan het aanbod, wordt er voorrang gegeven aan studenten en UGent-personeel, alsook aan kinderen van wie het broertje of zusje al in de kinderopvang verblijft. Studenten die in hun afstudeerjaar zitten, krijgen slechts voorrang tot het einde van het academiejaar.
Het financiële plaatje
De kinderopvang van de Universiteit Gent maakt gebruik van dezelfde tarieven als Kind en Gezin. Dit wil zeggen dat de prijs die je betaalt voor kinderopvang afhankelijk is van je gezinsinkomen, het aantal kinderen dat je ten laste hebt en de verblijfsduur van je kind in de opvang. Het minimumbedrag per dag is 1,42 euro, voor een dag en een nacht. Voor twaalf opeenvolgende uren opvang betaal je minimum 2,27 euro. Om de opvoeding van je kind en dus ook de kinderopvang te kunnen betalen als student in een opleiding, kan je in uitzonderlijke gevallen eventueel een beroep doen op een leefloon van het OCMW. Het bedrag dat je hiermee krijgt, is afhankelijk van je gezinssituatie. Als je samenwoont met een gezin ten laste, kan je van het OCMW op jaarbasis 11 612,61 euro krijgen, wat per maand 967,71 euro betekent. Je moet dan wel rekening houden met het feit dat je zelf nog kinderbijslag krijgt, die van je leefloon afgetrokken wordt.

