Premier zorgt voor primeur
- 445
- editie
- nieuws en reportages
- categorie
- politiek
- sleutelwoorden
Inhoudelijk week de les sterk af van wat professor Devos ervaren politicologen indertijd voorschotelde. De studenten werden niet onmiddellijk weggejaagd met vrij droge bespiegelingen over de mythologische afkomst van het begrip ‘politiek’. Verhofstadt sleurde daarentegen het publiek direct in de praktijksfeer. Om te beginnen smeet hij zijn kaarten op tafel door ons een kijkje te gunnen in zijn drukke agenda. Aansluitend hierop maakte hij komaf met enkele vooroordelen ten aanzien van politiek. Vele mensen zouden nog altijd denken dat politici amper werken en allemaal zakkenvullers zijn. “Maar”, riposteerde hij, “ik ken geen enkel serieus politicus die minder dan 60 uur per week werkt” en “wie geld wil scheppen, moet zeker niet de politiek ingaan”. Even leek het alsof hij het programma van Vlaams Belang in zijn slide had gekopieerd en er ‘Zeven vooroordelen’ boven had getypt. Wat betreft het dichten van de kloof tussen burger en politiek kon dit wel tellen, ware het niet dat er binnen de groep frisse eerstejaarsstudenten weinig verzuurde, verkeerd geïnformeerde, oude meetjes zaten.
Vervolgens legde de premier uit waarom de negatieve connotatie bij het begrip ‘macht’ slechts discours is. Wie in de politiek gaat, moet het heilig vuur hebben om veranderingen door te duwen op het niveau van de samenleving. Politiek zonder macht bestaat niet. “Als een politieker het niet voor de macht doet, waarvoor dan wel? Geld? Prestige?”
Wie goed luisterde, bemerkte af en toe een verwijzing naar de actualiteit. Wanneer Verhofstadt zegt dat “politiek een kwestie is van botsende visies”, veronderstelt dit niet enkel fundamentele ideologische verschillen die burgers onderverdelen in electorale groepen; het gaat evenzeer over verschillende keuzes die moeten gemaakt worden in de samenleving. Bijvoorbeeld: na hoeveel jaar gevangenisstraf maakt een gedetermineerde kans op strafvermindering?
De premier haalde de Belgische compromispolitiek aan als “een akkoord tussen Belgen en ‘die andere Belgen’”. Hij gaf toe dat dit soms wel eens tot haperingen leidt, maar niettemin verhief hij het compromis tot de kern van de politiek. En in vol enthousiasme voegde hij eraan toe dat “een wereld zonder politiek een nachtmerrie is, waar het recht van de sterkste en volledige chaos heersen.” Kortom: we kregen een warm betoog voor politiek.
Het moet gezegd: een persoonlijke benadering op politiek van iemand die met beide voeten in de praktijk staat, is interessanter dan theoretische beschouwingen die post factum in elkaar zijn geflanst. Het leverde ondermeer sterke oneliners op als “wetten zijn als worsten: je kunt maar beter niet weten hoe ze gemaakt worden.” Sta me toe dit artikel met deze wijze woorden af te sluiten.
