Vice-rectorverkiezingen worden voorspelbaar
- 432
- editie
- nieuws en reportages
- categorie
- rectoraat
- UGent
- sleutelwoorden
De rectorverkiezingen waren spannend. Socialistische machinerieën kruidden het debat, en zorgden achteraf voor rancuneuze gevoelens (zie elders in deze Schamper). In de vice-rectorverkiezingen hebben we nog geen enkele machinerie in werking zien treden. Ook niet nodig, zeggen mensen die het kunnen weten. Op een universitaire receptie vingen we de volgende one-liner op: “Het gemakkelijke aan Kiekens is dat hij er zelf wel voor zorgt dat hij niet verkozen geraakt.” Dat zat er niet naast.
Paul Kiekens was tot vorig academiejaar decaan van de Faculteit Toegepaste Wetenschappen. Als het aan hem lag, was hij dat nog altijd. Alleen lag het niet alleen aan hem, maar ook aan de faculteitsraad. En die wilde hem niet meer. Kiekens had dat niet door. Het duurde 26 (!) stemrondes vooraleer Kiekens besefte dat hij de eer aan zichzelf moest houden. Niet dat hij nog veel eer over had, natuurlijk.
Toch is Kiekens geen domme mens. Veel respect voor hem. Hij heeft verdorie vier (4!) eredoctoraten. Oké, het zijn er allemaal uit het voormalig Oostblok, maar ons hoor je niet zeggen dat Tsjechië, Polen en Roemenië achterlijke landen zijn. Hoogstens een beetje anders. Maar zwaaiend met zijn eredoctoraten zal hij nooit op de derde verdieping van het rectoraat belanden. Een student uit de faculteitsraad van de burgies verwoordde het treffend: “Kiekens vice-rector? Wat een grap! Zelfs zijn eigen faculteit steunt hem niet.”
Een ander verhaal bij Luc Moens. Moens is decaan van de Faculteit Wetenschappen. Toen bekendraaakte dat Moens vice-rector wou worden, ging er een collectieve zucht door de wetenschappelijke krochten. Geen zucht van verlichting. Een zucht van wanhoop. Een anonieme student uit de Wetenschappen verklaarde die zucht nader: “Moens is de beste decaan die we de afgelopen decennia gehad hebben. En net hij verlaat ons om vice-rector te worden.”
Dat Moens vice-rector zal worden, daar is bijna iedereen het tot nu toe over eens. Er is wel een probleem. Van Cauwenberge torst een christen-democratische stempel. Doordat hij de afgelopen maanden veel steun kreeg van de socialistische stromingen aan de universiteit, heeft die stempel een rode laag gekregen. En wie heeft een partijkaart van de Socialistische Partij Anders (sp.a), wordt alom gefluisterd? Luc Moens. Dat kan hommeles geven. Twee mannen die door de sossen worden gesteund op de derde verdieping, in een verzuilde instelling als de unief is dat een precedent van ik zal je daar hebben. Maar om het met dezelfde anonieme student van daarjuist te zeggen: “Moens is in de eerste plaats een wetenschapper. Die partijkaart heeft hij alleen maar omdat het hem goed uitkomt.” Logisch zou zijn dat hij die partijkaart zo gauw mogelijk in de vuilnisbak zwiert. Dat zou hem beter uitkomen. Of geef ze aan Kiekens. Heeft die toch iets om mee te zwaaien zonder meteen beschimpt te worden.
